`Extreme figuren doen het goed in het theater'

Geloven? Wat is dat? Regisseur Floor Huygen weet het nog. Het zowat verdwenen katholicisme uit haar kinderjaren komt terug in de voorstelling De ongelovige, die zaterdag in première gaat.

Ze zitten om een grote vierkante tafel: regisseur Floor Huygen en de acteurs Bert Luppes en Betty Schuurman. ,,Vanochtend gaan we terug naar de taal'', legt Huygen uit. Even geen repetitie, maar lezen, het potlood in de aanslag boven het weerloze script. Uit het toneelstuk De ongelovige van Erik-Ward Geerlings kan best wat worden geschrapt. De ontmoeting van een kloosterzuster en een journalist moet nog meer zeggingskracht krijgen. Maar hoe? Gewoon: door te spelen.

Steeds springen Schuurman en Luppes van hun stoelen op om een scène door te nemen. Repetitie of geen repetitie: al doende kom je toch het verst. Beduusd kijkt Schuurman, de zuster, naar de bos bloemen die Luppes, de journalist, haar in de armen duwt. De erotische connotatie van zijn gebaar verwart haar. Ze is op een zakelijk interview voorbereid, niet op een charme-offensief. ,,Ik ben heel lang een buitenaards wezen geweest'', zegt Schuurman, die een eenvoudig habijt draagt met een kruisje. ,,Maar nu daal ik op aarde neer.'' Dan stelt de journalist zijn eerste vraag. Ondeugend, als een vlotte tv-presentator, kijkt Luppes naar het nog niet aanwezige publiek. Floor Huygen grijpt in: ,,Het is goed dat je met de zaal contact legt, maar het moet bijna stiekem. Geraffineerder.'' Zo bouwen ze de scène op, en de beide rollen.

,,Twee visies botsen in het stuk op elkaar'', zegt Huygen, als het lunchpauze is in de loods van ZT Hollandia te Eindhoven. De journalist is een cynicus, genadeloos eerlijk en geestig, een zelfkweller zonder rust. Volgens hem heeft het leven geen enkele zin. De kloosterzuster vindt dat je met zulk nihilisme weinig opschiet. Haar religie is een gevoelsmatige aangelegenheid die haar leven betekenis geeft. Connie Palmens boek Geheel de uwe lag aan de figuren ten grondslag, maar Geerlings gaf er een heel eigen draai aan, met ontroerende, botte en choquerende gesprekken.

Het idee voor het stuk kwam van Floor Huygen. ,,Ik wilde een voorstelling over geloven maken omdat haast niemand meer weet wat dat is. De ontkerkelijking in Nederland gaat zo snel, dat we het kind met het badwater dreigen weg te gooien. Een mis is toch prachtig? Een mis is een van oorsprong heidens ritueel en bedoeld om te vieren dat er brood was: daar komt de hostie uit voort. Het is zinnig om stil te staan bij zulke elementaire dingen. Ook bidden vind ik mooi; dat zie ik als praten met jezelf, als diep nadenken.'' Is Huygen zelf gelovig? ,,Laat ik het zo zeggen: leven alsof je in een God gelooft, daar zit veel goeds aan. Omdat je dan zelf niet meer het middelpunt van de wereld bent. Een gelovige voelt zich onderdeel van iets groters, hij weet dat de mens niet alles in de hand heeft en raakt daarvan niet in paniek.''

O ja, ze heeft ook slechte herinneringen aan het katholicisme. ,,Op de lagere school in Maastricht kreeg ik les van heel onaardige zusters. Elke ochtend begon met een grimmige preek van zuster Florentina. Ik was altijd benieuwd wat er onder het habijt van die zusters zou zitten. Waar ik me erg zondig bij voelde. Door de druk van dat zondebesef, de terreur, de dwang, hebben veel mensen een hekel aan de kerk gekregen. Maar voor de jongere generatie is het geloof een vrije keuze.''

Haar warmere herinneringen deed ze thuis op. Een liberaal katholiek gezin, kerkbezoek niet verplicht. ,,En in die kerk kon de verveling omslaan in momenten van geluk. Net als in het theater.'' Niet dat De ongelovige in het theater wordt gespeeld. De voorstelling gaat in première in de voormalige Philipsfabriek Strijp S, een terrein dat altijd gesloten is geweest omdat er geheime dingen werden uitgevonden. Floor Huygen houdt van theater op locatie. ,,Mensen veranderen als ze over zo'n terrein lopen, ze worden er alerter door, nieuwsgieriger, opener. Eenmaal binnen blijft het leven doorgaan. Je kijkt uit het raam en ziet de lantarens aangaan, en een trein dendert voorbij. Je voelt het concrete en je zit meteen in de geschiedenis, van zo'n fabriek, van de arbeiders. Dat maakt een keten van associaties los: fabriek – industrialisering – commercie – materialisme – spiritualiteit – enzovoorts, enzovoorts.''

Huygen maakt journalistiek theater. Voor De ongelovige interviewde zij kloosterzusters en priesters. Voor Kingcorn en Biotex sprak ze met fabrieksarbeiders, voor Lena en Willem met kinderen en voor Nageslacht met boeren. Haar werkwijze komt voort uit een diepe belangstelling voor oral history. Ze zoekt vertegenwoordigers op van een bedreigde soort en maakt portretten van ze. ,,Ook al zegt iemand weinig, toch kun je veel aan hem zien en horen. Een manier van denken en bestaan die ikzelf niet ken. Zoals de enorme eenvoud van die arbeider in Kingcorn.

Ook de eenvoud van kloosterlingen lijkt Huygen te bekoren. ,,Een zuster vertelde dat zij haar AOW-tje aan het klooster afstaat. Als ze een nieuwe jurk nodig heeft moet ze er eerst bij de leiding om vragen. Niets voor mij – maar de radicaliteit ervan spreekt me aan. Extreme figuren doen het goed in het theater.''

`De ongelovige' t/m 10 april in Philipsfabriek Strijp S te Eindhoven. Inl. 040-246 0656, www.zthollandia.nl.