EU: afspraken over bestrijden terreur

De regeringsleiders van de Europese Unie willen een voortvarender aanpak van de strijd tegen het terrorisme. Hierover zijn zij het gisteren op de eerste dag van de Europese top in Brussel eens geworden.

Volgens de huidige voorzitter van de Unie, de Ierse premier Ahern, moet na de aanslagen in Madrid van twee weken geleden waarbij 190 doden vielen, alles gedaan worden om de burgers te beschermen tegen de ,,plaag van het terrorisme''. Maar tegelijk moeten de fundamentele rechten van de mens wel beschermd blijven, voegde hij hier aan toe.

De leiders van de Unie hebben een verklaring aangenomen waarin een fors aantal maatregelen en voornemens wordt opgesomd om de bestrijding van terrorisme te verbeteren en de samenwerking van de lidstaten daarbij te bevorderen. Ahern zei dat het daarbij niet de bedoeling is het wiel opnieuw uit te vinden. Sinds de aanslagen in New York van 11 september 2001 zijn er in Europees verband al veel afspraken gemaakt. ,,Maar na Madrid is het wel nodig deze nog eens te bekijken en een politieke impuls te geven'', aldus de Ierse premier.

Om de samenwerking tussen de na 1 mei uit 25 landen bestaande Europese Unie te stimuleren en erop toe te zien dat gemaakte afspraken ook worden nagekomen is de Nederlander Gijs de Vries tot veiligheidscoördinator benoemd. Hij zal werken onder de hoge vertegenwoordiger van de Unie, de Spanjaard Javier Solana. De Vries, die maandag meteen begint, wordt geacht reeds in juni met een eerste rapportage te komen. Volgens Solana moet De Vries ervoor zorgen dat de diverse Europese organen en de landen onderling beter en sneller met elkaar samenwerken.

De landen van de Unie zijn het gisteren ook eens geworden over een solidariteitsverklaring die inhoudt dat een land dat te maken krijgt met terreur een beroep kan doen op bijstand van andere EU-lidstaten. Een dergelijke clausule staat ook in de grondwet, waarover nog binnen de Unie wordt onderhandeld. Automatische militaire samenwerking is hierbij niet voorzien.

Behalve bij de bestrijding van het terrorisme hebben de regeringsleiders ook stilgestaan bij de voedingsbodem van fundamentalisme en extremisme. Volgens minister-president Balkenende is hierbij een rol weggelegd voor ontwikkelingssamenwerking.