Echte helden

Een echte held wordt met drie handen geboren. In zijn eerste houdt hij tijdens het voor hem gekozen historische moment zijn geweer vast, in een andere klemt hij een granaat en in de laatste een stomp potlood om ter plekke zijn belevenissen op papier te zetten. Opdat het nageslacht tot vervelens toe weet wat er vroeger allemaal is gebeurd. Over helden gesproken: het is opvallend wat voor soort mensen het Nederlands Olympisch Comité hebben aangevoerd in de dikke negentig jaar van zijn bestaan. Oorlogen, ontsnappingen, overgaves, alles hebben ze meegemaakt.

Over baron Van Tuijll van Serooskerken, voorzitter van 1912 tot aan zijn dood in 1924, heb ik al enkele malen geschreven. Zijn sociale hart dreef hem naar organisaties die zowel trekhonden in problemen als vluchtelingen tijdens de Eerste Wereldoorlog hielpen. De `Sportvader' werd hij genoemd, maar bij echte heldendaden en standvastigheid tijdens roerige momenten denk ik toch aan iets anders. Aan baron Schimmelpenninck van der Oye bijvoorbeeld. Of, nog beter, Pieter Scharroo en Charles Pahud de Mortanges.

Laten we met Schimmelpenninck beginnen. Hij leidde het NOC van 1925 tot en met 1943. Het NOC zegt zelf over hem: ,,Zijn kracht lag in zijn rust en waardigheid, zijn geduld, in het goede overleg.'' Dat kwam van pas in 1918, toen de Duitse keizer Wilhelm II naar Doorn vluchtte na het uitbreken van een revolutie. Schimmelpenninck van der Oye was burgemeester van die gemeente, zodat hij opeens in het middelpunt van een internationale gebeurtenis stond. Alhoewel hij daarvoor misschien geen drie handen nodig had, loste hij alles waardig op.

Scharroo en Pahud de Mortanges konden wél een extra handje gebruiken. Niet voor het schrijfwerk, maar voor het ouderwetse oorlogvoeren. Scharroo (waarnemend voorzitter in 1924 en 1925) leidde als kolonel van de genie in mei 1940 de verdediging van Rotterdam. Twee jaar daarvoor zat hij nog in Utrecht en was alles anders. Tegen generaal Snijders zei hij: ,,Met Gods hulp en onder leiding van Oranje: Nederland vrij en één.'' Juist hij liep in 1940 met de witte vlag naar de Duitsers, omdat na het bombardement hem niets anders restte.

Tot slot Pahud de Mortagnes, die voorzitter was van 1946 tot en met 1951 en vanaf 1959 nog eens twee jaar. Als cavalerist won hij vier gouden olympische medailles en één zilveren. Het NOC meldt over hem: ,,Aan Duitse krijgsgevangenschap in de Tweede Wereldoorlog ontsnapte hij door uit een rijdende trein te springen. Na een wekenlange zwerftocht met vele ontberingen bereikte hij via Gibraltar Engeland. Met de Prinses Irene Brigade vocht hij zich in 1944 via Normandië een weg terug naar Nederland.'' Om in 1962 de uitvaart te leiden van prinses Wilhelmina. Waarmee u nu eindelijk weet wat mijn opstapje van deze week was.

jurryt@xs4all.nl