Leegstand dreigt in verzorgingstehuizen

De regels om in aanmerking te komen voor een plek in een verzorgingshuis zijn verscherpt. De behoefte aan sociaal contact telt niet meer mee. In plaats van wachtlijsten dreigt er leegstand.

Joop Smalbruggen slaat met een platte hand op zijn buik. ,,114 pond'', zegt hij trots. Nog niet zo lang geleden woog hij 94 pond, maar dat was toen hij nog niet in verzorgingshuis Park Braband in Gelderse Schalkhaar woonde (gemeente Deventer).

In zijn vorige, zelfstandige ouderenwoning zat hij bijna de hele dag in zijn kamer op de eerste verdieping, omdat zijn rollator niet met de stoeltjeslift mee kon. Het sociale contact bleef beperkt tot koffiedrinken met een 94-jarige buurvrouw. In Park Braband doet hij mee aan allerlei activiteiten zoals bingo en kaarten, en komt hij soms zelfs weer buiten.

,,In plaats van verder weg te kwijnen, bloeit hij helemaal op'', constateert locatiemanager J. Koens van Park Braband. Smalbruggen heeft volgens hem geluk gehad. Als hij op dit moment naar Park Braband had gewild, was hij hier niet voor in aanmerking gekomen.

De RIO's, de onafhankelijke Regionale Indicatieorganen die bepalen welke en hoeveel hulp een hulpbehoevende krijgt op het gebied van (huishoudelijke) verzorging en verpleging, hanteren sinds een jaar een ander indicatiesysteem. Per zeven verschillende functies, zoals `huishoudelijke verzorging', `persoonlijke verzorging' en `verblijf', wordt gekeken welke zorg iemand nodig heeft. De criteria om in aanmerking te komen voor een verzorgings- of verpleegtehuis zijn verscherpt.

Het past in het beleid van het kabinet om de kosten van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ), waaruit de ouderenzorg wordt betaald, te verminderen. Liever zorg door familieleden dan thuiszorg en liever thuiszorg dan opname in een verzorgingstehuis.

De RIO's zijn, als poortwachter van de toegang tot de zorg, ,,wat strenger geworden'', beaamt directeur W. van Traa van de Landelijke Vereniging van Indicatie Organen. Van Traa: ,,In het verleden werd er wellicht te snel gezegd: `ga maar naar een verzorgingshuis'.''

,,Het moet wel heel erg met je zijn gesteld, wil je nog voor een plek bij ons in aanmerking komen'', zegt zorgdirecteur N. Burgers-Vogel van De Leiboom, de overkoepelende zorggroep die behalve Park Braband nog zeven andere verzorgings- en verpleeghuizen in de regio Deventer beheert. Wat Burgers en Koens steekt, is dat de RIO's het sociale welzijn van ouderen niet meer meetellen. ,,Terwijl er wel veel behoefte is aan een activiteit als gezamenlijk koffiedrinken'', zegt Burgers. ,,Een zelfstandige ouderenwoning met alleen maar thuiszorg is onvoldoende. Mensen vereenzamen'', meent Koens.

Door de verscherpte regelgeving zijn de wachtlijsten bij verzorgingshuizen in snel tempo geslonken. In Park Braband stonden een jaar geleden nog gemiddeld 25 tot 50 mensen op de wachtlijst. Nu is men blij als alle 52 kamers bezet zijn.

In een ander verzorgingshuis van De Leiboom staan al kamers leeg, net als elders in de regio Deventer. Omdat de zorginstellingen per bewoner betaald worden, heeft de leegstand ook financiële gevolgen. Deels ingegeven door de financiën probeert De Leiboom de lege plekken te vullen met oudere, verstandelijk gehandicapten.

In de visie van staatssecretaris Ross (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) heeft het klassieke verzorgingshuis zijn langste tijd gehad. Zij wil het aantal plekken fors verminderen. In plaats daarvan wil zij meer voorzieningen creëren waar ouderen langer zelfstandig kunnen wonen. Gemeenten moeten mogelijk een deel van de AWBZ-zorg (wonen en welzijn) overnemen van het rijk.

Ook Zorggroep De Leiboom zegt zelfstandig wonen ,,hoog in het vaandel'' te hebben staan. Het wil per 10.000 inwoners `zorgsteunpunten' in de regio Deventer bouwen. Zo'n steunpunt biedt onderdak aan ouderen en medische diensten en moet een ontmoetingsplek worden voor andere bejaarden uit de wijk. Maar het probleem is volgens zorgdirecteur Burgers dat er nog maar één steunpunt af is, terwijl het beleid al wel veranderd is. Bovendien betwijfelt zij of de gemeenten voldoende geld hebben voor de welzijnsactiviteiten.

Koens stelt vast dat er een vacuüm is ontstaan, waardoor een bepaalde groep ouderen zorg tekort komt. Het zijn de ouderen met weinig initiatief, die nog zelfstandig wonen, maar geen gebruik maken van de geboden dagopvangactiviteiten in de zorgcentra. Koens: ,,Ik wil niet betuttelen, maar die mensen kunnen beter bij ons wonen dan op zichzelf. Hier ontmoeten ze meer mensen, drinken ze samen koffie en leg je sneller een biljartje.''

Dat bejaarden in meerderheid aangeven liever zo lang mogelijk zelfstandig te wonen, zegt Koens niet zoveel. In zijn vorige verzorgingshuis veranderde hij, onder protest, de regels dusdanig dat ouderen 'sochtends wel hun kamer moesten verlaten, om brood of een kop koffie te bemachtigen.

Koens: ,,Al snel was men er blij mee. Je gaat weer meedoen aan het leven.'' Die ervaring geldt voor de meesten.

Als Koens een ommetje maakt, wisselt hij bij de uitgang een paar woorden met Joop Smalbruggen, die met zijn rollator wacht op de dingen die komen gaan. In de activiteitenzaal knippen ouderen foto's van Prinses Juliana uit de krant. ,,Mensen hebben nu eenmaal prikkels nodig'', zegt Koens.