Geen bewijs tegen treiteraar op het werk

Het echtpaar weet het zeker: iemand van hun werk heeft de treiterlijn ingeschakeld om hen te pesten. Ze gingen op zoek naar bewijs.

Henk Hilberding kreeg ruim twee jaar geleden de treiterlijn aan de telefoon. Hij hoorde een `boze vader', die hem ervan beschuldigde zijn dochter zwanger te hebben gemaakt. Even later belde de treiterlijn – een bedrijf dat je kan inschakelen om iemand per telefoon te treiteren – nogmaals om te zeggen dat het een grap was.

De verzekeringsfunctionaris stond op het punt in dienst te treden bij CED Nomex, het bedrijf waar zijn vrouw al jaren werkte. Hij en zijn vrouw Ans van Stein waren ervan overtuigd dat er iemand van haar werk achter het telefoontje zat. De werksfeer werd hierdoor zo verpest dat Van Stein een halfjaar later haar ontslag indiende. Hilberding, die nog wel bij het verzekeringsbedrijf was komen werken, werd in september 2002 ontslagen omdat hij volgens het bedrijf niet goed functioneerde.

Het echtpaar liet het er niet bij zitten. Sinds het voorval op 17 januari 2002 zijn ze bezig te achterhalen wie hen heeft getreiterd. Hun verdenking heeft zich inmiddels toegespitst op een bepaalde medewerkster van het bedrijf. Om zijn vermoedens te bevestigen heeft het echtpaar volgens CED Nomex de verdachte medewerkster thuis opgezocht en zijn twee directieleden door Hilberding met een camera gevolgd. Ook probeerde het echtpaar met brieven en telefoontjes informatie te krijgen van andere medewerkers.

In kort geding eisten CED Nomex en de werkneemster, die niet aanwezig was en niet bij naam genoemd wilde worden, dat het echtpaar hen met rust laat. Ze ontkenden het treitertelefoontje te hebben georganiseerd. ,,En wie weten beter dan Hilberding en Van Stein hoe het is om te worden lastiggevallen met iets waar je niets mee te maken hebt?'' vroeg de advocaat van het bedrijf. De advocaat was er niet gerust op dat het echtpaar zal stoppen met de acties, aangezien Hilberding in het Algemeen Dagblad had gezegd dat hij ,,zal doorvechten'', zelfs als hij een dwangsom zou krijgen.

Het echtpaar had geen advocaat en Hilberding zelf begon met een chronologisch overzicht van de gebeurtenissen. Toen hij aankwam bij het moment dat hij werd gebeld door ,,het grootste schorem dat er rondloopt'', onderbrak rechter Heyman hem. ,,Waarom heeft u de treiterlijn niet gedwongen het nummer te geven van degene die erachter zat?'' Hilberding vertelde dat hij dat heeft geprobeerd, maar dat de lijn destijds niet de mogelijkheid had om nummers te achterhalen. Toch ging de rechter hierop door: ,,Bent u nu wel zinvol bezig? U wilt weten wie dit heeft gedaan, u bent nu twee jaar bezig en dit lukt niet.''

Hilberding ging onverstoorbaar verder. Samen met zijn vrouw somde hij het bewijs op dat ze hebben tegen medewerkster ,,mevrouw Van Z., want die naam krijg ik niet uit mijn mond''. Zo had zij volgens het paar een keer gezegd dat ze een bloedhekel had aan verzekeringsfunctionarissen. Ook kende ze het nummer waar Hilberding op gebeld werd, want dat stond op balpennen die zijn vrouw over het hele bedrijf had verspreid. Terwijl Van Stein dit vertelde, hield Hilberding de rode balpen als bewijsstuk omhoog.

Verder vermeed de medewerkster na het incident oogcontact met Hilberding terwijl ze in de lift stonden. Ook ontving ze veel sms'jes van mannen: ,,haar trilfunctie maakte overuren''. Daarbij had ze een affaire met een getrouwde chauffeur. En ze vertelde aan iedereen over haar intieme relaties: ,,dat ze spierpijn had, enzo''.

,,Is dit al uw bewijs? Wat u zojuist genoemd heeft?'' Rechter Heyman vroeg het echtpaar de suggestieve zaken tot het minimum te beperken. Toen Van Stein doorging over de intimiderende sfeer en het geklets op de werkvloer vroeg hij haar nogmaals om bewijs. ,,Ja, mijn gevoel'', zei Van Stein ten slotte. De rechter zuchtte. ,,Ik zie wel dat er van alles aan de hand is met uw werkgever, maar vanuit mijn beroep kan ik dit niet als bewijs zien.''

Hilberding probeerde een laatste maal duidelijk te maken hoeveel schade zijn ex-werkgever hun heeft berokkend. ,,We hebben als muffe honden door het huis gelopen.'' Hij ontkende dat hij de medewerkster heeft bedreigd. ,,Ik ben genoeg geïntimideerd. Ik eis excuses!'' Hilberding barstte in snikken uit. Even later volgde zijn vrouw.

Iedereen was stil. Vervolgens zei de advocaat van CED Nomex: ,,Ik schrik hier wel een beetje van''. Het leek hem een goed voorstel om nog één keer met elkaar te praten. ,,Maar ik ben bang dat de uitkomst van dat gesprek niet bevredigend zal zijn. CED Nomex heeft niets met de treiterlijn te maken.''

Ook Hilberding en Van Stein wilden nog een keer rond de tafel zitten. Rechter Heyman: ,,Het alternatief is, vrees ik, dat je elkaar nog jarenlang gaat achtervolgen. Terwijl de werkelijke daders niet in deze zaal aanwezig zijn.''

Inmiddels heeft het gesprek plaatsgevonden onder leiding van een onafhankelijke bemiddelaar. Volgens de advocaat van CED Nomex accepteert het echtpaar nu dat het bedrijf er verder buiten staat. De rechter zal daarom geen uitspraak doen.

In Het Geding komen juridische geschillen in het bedrijfsleven aan bod. Reacties: hetgeding@nrc.nl