Drie manieren om terroristen te bedwingen

Wie in Europa een nieuw klimaat van appeasement tegenover het terrorisme bespeurt, heeft ongelijk, vindt Javier Solana. Als Europa aan zijn waarden vasthoudt, zal het overwinnen.

De recente aanslagen in Madrid hebben ons eraan herinnerd hoe krachtig de dreiging van het terrorisme voor Europa is. Hoe kunnen we daar als beleidsmakers en burgers op reageren? Vandaag buigt de Europese Raad van regeringsleiders zich over deze kwestie. Ik zie drie soorten reacties.

Ten eerste moeten we zorgen voor een doelmatiger Europese terrorismebestrijding. Op regeringsniveau is sinds de aanslagen van 11 september 2001 in de Verenigde Staten de coördinatie verbeterd. Er zijn nuttige initiatieven ontplooid, de transatlantische samenwerking is versterkt en er is uitstekend politie- en inlichtingenwerk verricht. Daar moeten we op voortbouwen.

Europa mist noch de wil, noch de mogelijkheden – justitieel, financieel en qua inlichtingen- en politiewerk – om het terrorisme te bestrijden. De directe nadruk moet niet liggen op de opening van nieuwe mogelijkheden, maar op een beter gebruik van de bestaande. De verbetering van de samenhang en coördinatie moet geen bureaucratische exercitie worden. Daarom zal de Europese Raad vandaag de aandacht richten op praktische resultaten.

Een van de prioriteiten is een betere uitwisseling van inlichtingen. Er moet meer en sneller informatie worden doorgespeeld. Ik had al voor de terreur in Madrid voorgesteld om de analysecapaciteit van de Raad op het terrein van de informatie over het terrorisme te versterken en ik ben blij met de steun van de lidstaten in dezen.

Ik geloof niet dat we een Europese CIA nodig hebben, maar ik zal de Europese Raad wel verslag moeten uitbrengen over de uitwisseling van operationele inlichtingen. Als we deze weg bewandelen, moeten we wel aantonen dat de bestaande uitgebreide samenwerking wordt versterkt, maar dat snelheid en veiligheid gewaarborgd blijven.

Bovendien moeten we onverwijld komen tot algemene wetgeving in zaken als het Europese arrestatiebevel. Dat zijn onmisbare hulpmiddelen in de strijd tegen de terreur. We moeten versneld de grenscontroles en de veiligheid van documenten versterken. En we moeten ons opnieuw buigen over de bestaande restricties inzake de financiering van het terrorisme. Om zo samenhangend en integraal mogelijk te kunnen optreden, heb ik de benoeming voorgesteld van een antiterrorismecoördinator.

Buiten Europa moeten we opnieuw bezien hoe we met andere landen kunnen samenwerken. Waar we onze bondgenoten kunnen helpen hun antiterreurmogelijkheden te versterken, moeten we dat doen. Als zij niet bereid zijn te helpen, zal daardoor de basis voor ons bondgenootschap ter discussie komen te staan.

Ten tweede moeten we vastbesloten blijven om de factoren achter het terrorisme te begrijpen en aan te pakken. Geen enkele zaak rechtvaardigt terrorisme, maar er is ook niets wat een veronachtzaming van de oorzaken van het terrorisme rechtvaardigt.

Er is duidelijk een fanatieke randgroep waarmee politiek niet te praten valt. Maar die wordt gevoed door een poel van onvrede en wrok. Als er terechte grieven zijn, moet daarop worden ingegaan, niet alleen omdat dit een kwestie van rechtvaardigheid is, maar ook omdat ,,de drooglegging van het moeras'' daarvan afhangt.

Het terrorisme zal – en mag – de legitieme verlangens van de Palestijnse volk niet bevorderen. Maar een vastberaden poging van de internationale gemeenschap om deze verlangens te bespreken met die Palestijnen die het geweld afwijzen, zou het terrorisme een zware slag toebrengen. Daarom kunnen het Israëlisch-Palestijnse conflict en het bredere gevoel van wanhoop in delen van de Arabische wereld niet wachten tot de strijd tegen het terrorisme is gewonnen. Tegelijkertijd moeten we ons inzetten voor regionale stabiliteit en goed bestuur en voor de ontwikkeling van rechtsstaten.

Ten derde kunnen en moeten wij als Europese burgers allemaal onze democratie verdedigen door de rechten die ons dierbaar zijn uit te oefenen en te verdedigen. Een klimaat van angst en repressie is waar de terroristen op uit zijn. Geloof in de democratie is ons beste verdedigingswapen.

Wie in Europa een nieuw klimaat van

appeasement tegenover het terrorisme bespeurt, heeft ongelijk. Ik heb op de dag na de aanslagen met meer dan twee miljoen anderen door de straten van Madrid gelopen. Er heerste geen angststemming. Er heerste een kalme vastbeslotenheid – om de doden te eren, om het terrorisme te bedwingen, om de democratie te verdedigen die de Spanjaarden zo dierbaar is.

Net als overal in Europa zijn de mensen in Spanje verenigd in hun vastbeslotenheid om de terreur te bestrijden. Tegelijkertijd wordt er een legitiem politiek debat gevoerd over de beste aanpak van die strijd. Opschorting van dit debat zou een verraad van de democratie zijn.

De Europeanen weten dat de strijd tegen het terrorisme niet eenvoudig te winnen zal zijn. Er zullen tal van stille successen worden geboekt, maar er zullen ook tegenslagen zijn.

Onze successen mogen niet tot zelfgenoegzaamheid leiden, maar onze tegenslagen mogen ook geen wanhoop oproepen. We moeten al onze energie verzamelen om te vechten voor de rechtsstaat – binnen de regels van de rechtsstaat.

Het terrorisme doet een aanval op de waarden waarop de Europese Unie berust. Door aan diezelfde waarden vast te houden, zullen we het overwinnen.

De Spanjaard Javier Solana is de hoge vertegenwoordiger van de EU voor het Gemeenschappelijke Buitenlandse en Veiligheidsbeleid.