De ouderwetse expat sterft uit

De traditionele carrière-expat is op z'n retour. Veel bedrijven sturen hun personeel voor een paar dagen per maand de grens over – om kosten te besparen en het thuisfront niet tegen de haren in te strijken. De moderne technologie doet de rest. Over het leven van de zogeheten commuter-expat. ,,Al dat op en neer reizen kan erg slopend zijn.''

`Laissez-moi vous rassurer. Wie weet wat dat betekent?' Francine van den Berghe kijkt de vergaderruimte rond, terwijl ze met een viltstift op de flip-over tikt. ,,Laat mij bevestigen?'' oppert een blonde vrouw van in de dertig. De lerares Frans schudt haar hoofd. ,,Rassurer betekent geruststellen. Een veelgebruikte term. Onthoud hem goed!''

Zo'n 10 procent van de 350 medewerkers van Leerdammer Company in Schoonrewoerd krijgt sinds enkele maanden Franse taalles. Sinds het bedrijf eind 2002 door de Franse multinational Fromageries Bel werd overgenomen, is een goede kennis van de Nederlandse taal niet meer toereikend. Want wie een telefoontje van het hoofdkantoor in Parijs ontvangt, zal zichzelf toch verstaanbaar moeten kunnen maken. ,,En lang niet iedere Fransman spreekt Engels'', weet cursist Sonja van Welsenes (31) uit ervaring. ,,Daardoor is er al snel sprake van een machtsongelijkheid.'' Van de naar schatting 40.000 Nederlanders die in het kader van bedrijfswerkzaamheden, diplomatieke dienst of ontwikkelingssamenwerking in het buitenland verblijven, behoort ongeveer 60 procent tot de categorie temporary expat: werknemers die een contract voor maximaal twee jaar tekenen dat één keer verlengd kan worden. Tien procent heeft een levenslang mobiliteitscontract – de zogenoemde career expats, die elke drie jaar naar een ander land kunnen worden overgeplaatst – en 30 procent is commuter, een werknemer die veelvuldig de grens oversteekt om een project te begeleiden, maar Nederland als thuisbasis heeft. Tot die laatste groep behoort ook Van Welsenes. Als international product manager van Leerdam Company bezoekt zij gemiddeld twee keer per maand het hoofdkantoor van moedermaatschappij Fromageries Bel in Parijs. In de tussenliggende perioden faxt, e-mailt en belt zij met haar Franse collega's. ,,Vandaar die cursus.''

Bij het Vughtse taleninstituut Regina Coeli klopten het afgelopen jaar zo'n twintig bedrijven aan voor een in company training, waaronder een luchtvaartmaatschappij, een levensmiddelenconcern, een radio-omroep, een elektronicabedrijf en een aantal verzekeringsmaatschappijen. In vrijwel alle gevallen ging het om ondernemingen die onlangs fuseerden of werden overgenomen door een voormalige buitenlandse concurrent. Het personeel leert in een paar weken of maanden tijd onderhandelen, vergaderen en telefoneren in het Engels, Duits, Frans of Spaans. Ze doen luisteroefeningen en krijgen grammaticales op vwo-eindexamenniveau of hoger. ,,Taal is belangrijk, want taal is macht'', zegt director of client relations Lori Tierney. ,,Als je tijdens een vergadering zit te stotteren, maak je weinig indruk.''

Maar niet alleen een goede taalvaardigheid is voor expats in spe belangrijk, vindt Maja Gadourek, directeur intercultureel management en communicatie van het Koninklijk Instituut voor de Tropen (KIT) in Amsterdam. Het tropeninstituut verzorgt al decennialang cursussen `interculturele communicatie' voor multinationals. Maar pas de laatste jaren dringt volgens haar bij managers het besef door dat een goede deal kan stuklopen op culturele misverstanden. ,,Neem die commuter'', zegt zij. ,,Hij krijgt de opdracht het management aan te sturen in een nieuwe vestiging in een voormalige sovjetrepubliek. Als Nederlander verwacht hij actieve en enthousiaste arbeiders aan te treffen, maar in plaats daarvan stuit hij op zwijgzaamheid en verborgen agenda's – deze mensen hebben jaren van onzekerheid achter de rug. Door zijn gebrek aan kennis over hun cultuur en achtergrond kan hij de gewenste verandering niet in gang zetten.'' Het KIT verzorgde vorig jaar zo'n vijftig in company trainingen voor bedrijven die zakendoen met het buitenland, variërend van een dag tot enkele maanden.

Met de commuter kan een bedrijf aanzienlijke kosten besparen. Moest de traditionele carrière-expat in een vaak kostbaar appartement worden ondergebracht – al dan niet met partner en kinderen – de commuter is niet veel duurder dan de gemiddelde werknemer. De kosten van een vliegticket worden steeds lager en ook internet en telefoon zullen de omzet niet erg drukken. ,,Bovendien zitten steeds minder werknemers te wachten op zo'n lange uitzending'', betoogt Mechteld Nije, consultant international human resources management en co-auteur van het boek Wereldwijd werken (2002). De werknemer die zijn leven lang bij een bedrijf blijft werken en alles voor zijn werkgever overheeft, behoort volgens haar tot een uitstervende soort. ,,De vraag `what's in it for me' wordt steeds vaker gesteld. Carrière-expats moeten doorgaans grote offers brengen en daar is lang niet iedereen meer toe bereid.'' Al moet ook de hectiek van het commuter-expat-bestaan volgens haar niet worden onderschat. ,,Al dat reizen kan erg slopend zijn.''

Met de commuter wordt ook het `partnerprobleem' voor een deel ondervangen. Zo wijst onderzoek van het Amerikaanse Amtrop International en de Harvard Universiteit uit dat een goede partnerrelatie cruciaal is voor het slagen van een uitzending. Van de duizend ondervraagde topmanagers noemt ruim driekwart de zorg om het gezin en de geringe kans op passende arbeid voor de partner (veelal vrouw) als grootste knelpunt. Het leven op de compound, de goed beveiligde expatriate-woongemeenschap, wordt door veel partners als verstikkend ervaren. Zij raken niet alleen hun vrienden, familie en werkkring kwijt, maar ook hun medezeggenschap en zelfs identiteit. Naar schatting 20 tot 30 procent van de traditionele uitzendingen mislukt, omdat de partner van een expat zich niet aan de nieuwe levensstijl kan aanpassen. Van de partners van commuters wordt daarentegen veel minder aanpassingsvermogen gevergd – of het moet zijn dat zij minder vaak het bed delen en er als ouder van tijd tot tijd alleen voor staan.

Toch is de commuter niet altijd een goed alternatief voor de traditionele expat, zegt consultant Mechteld Nije. ,,Bedrijven moeten zich vooraf eerst de vraag stellen waaróm ze voor die variant kiezen en wat ze ermee beogen. Je kunt niet van een commuter verwachten dat ie een hele nieuwe buitenlandse vestiging uit de grond stampt. Bij dat soort opdrachten is de traditionele expat nog altijd onvervangbaar. Want wil je als leidinggevende een goede band met werknemers uit die landen van herkomst opbouwen, dan volstaat een onregelmatig bezoek niet.''

Ook de moderne technologie kan het gemis aan persoonlijke relaties die de traditionele expat er op nahoudt, niet verdoezelen, zeggen adviseurs in de expat-branch. Een hypermodern videoconferencingsysteem stelt werknemers wereldwijd in staat met elkaar te praten, maar legt geen lichaamstaal vast. ,,En interculturele communicatie bestaat voor 60 procent uit lichaamstaal'', weet Tim de Nordwall, manager van het adviesbureau voor internationaal management ITIM. Het merendeel van de bedrijfsvraagstukken wordt volgens hem nog altijd opgelost rond de koffieautomaat, en niet tijdens vergaderingen. ,,En tijdens een videoconference is de sfeer nou niet bepaald informeel – al was het maar omdat je zo'n vergadering tot in de puntjes moet verzorgen.'' Ook met e-mail heeft Nordwall weinig op. ,,Weet u hoe de gemiddelde e-mail van een finance manager eruit ziet? `Third quarter results expected by monday'. Er kan geen `how are you' meer van af.''

Aan de werknemers van Leerdammer Company zal het in elk geval niet liggen. De ene na de andere beleefde Franse frase wordt door hen geproefd en gewogen. Afspraken worden bijtijds gemaakt en er wordt heel wat gerustgesteld en geëxcuseerd. ,,Fransen zijn doorgaans beleefder en hiërarchischer dan Nederlanders'', legt lerares Francine van den Berghe na afloop van de cursus uit. Laat ook dát een wijze les voor de commuter-expat zijn.

Op 26 en 27 maart wordt voor het 7de achtereenvolgende jaar de Internationale Expat-Emigratie Beurs gehouden in het Home Boxx Exhibition Center in Nieuwegein. Zie www.expatinfo.nl