Verdeeldheid en verwarring VS na aanslag

De wereld, behalve de Verenigde Staten, reageerde gisteren afwijzend op de liquidatie van sjeik Yassin. Washington was even in verwarring.

De Israëlische liquidatie van Hamasleider sjeik Yassin leidde gisteren tot een kakafonie aan reacties, waarbij de Verenigde Staten opnieuw tegenover Europa, Rusland, de Arabische wereld en de Verenigde Naties stonden; in lijn met de verdeeldheid over andere onderwerpen.

Nu is internationale verdeeldheid over het Israëlisch-Palestijnse conflict niet nieuw, maar dit keer leek die groter dan normaal. En als die verdeeldheid groeit, slinkt de kans van buitenaf nog enige invloed uit te oefenen op dit conflict. Daargelaten in hoeverre premier Sharon zich iets gelegen laat liggen aan externe druk, behalve dan Amerikaanse.

In het koor van critici bevonden zich gisteren, met uitzondering dus van de VS, de drie overige leden van `het Kwartet': Rusland, de VN en de Europese Unie. Ze zijn samen met de VS de ontwerpers van de zogeheten `Routekaart' voor de vrede, die moet leiden tot een Palestijnse staat naast Israël. Zij en de rest van de wereldgemeenschap veroordeelden de moordaanslag scherp. ,,Dit soort acties zijn niet alleen strijdig met het internationale recht, ze dragen ook niets bij aan de zoektocht naar een vreedzame oplossing'', zei VN-chef Kofi Annan.

Een Amerikaanse veroordeling bleef uit, al leek de verwarring binnen de Amerikaanse regering groot. De regering-Bush sprak met twee monden na de aanslag en gaf in de loop van de dag na haar ogenschijnlijke vergoelijking van de aanslag ook uiting aan haar diepe bezorgdheid. Volgens regeringsfunctionarissen, vandaag in The New York Times, was deze verandering van toon een gevolg van het spervuur van kritiek uit de Arabische wereld en de EU, inclusief Bush' trouwste bondgenoot Groot-Brittannië. Ook de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Straw, verwierp de aanslag als ,,onacceptabel''.

's Ochtends wees eerst de nationaal veiligheidsadviseur van Bush, Condoleezza Rice, er op televisie vooral op dat Hamas ,,een terroristische organisatie'' is. ,,Sjeik Yassin is zelf, geloven wij, persoonlijk betrokken geweest bij de planning van terreur'', zei ze. Voor het overige riep ze iedereen op ,,kalm te blijven''.

Later op de dag veranderde de regering-Bush van toon. De woordvoerder van het doorgaans gematigder ministerie van Buitenlandse Zaken, Boucher, zei: ,,Wij zijn ernstig bezorgd over de gebeurtenissen van vanochtend in Gaza.'' Israël had weliswaar het recht op zelfverdediging tegen terreur, maar ,,wij denken dat deze gebeurtenis de spanning vergroot en niet de inspanningen helpt om vooruitgang te boeken op weg naar vrede''. Boucher riep alle partijen, ook Israël, ,,maximale terughoudendheid in acht te nemen''.

De verwarring in Amerikaanse kring is verklaarbaar. In de eerste plaats geldt een Amerikaans verkiezingsjaar bij uitstek als ongeschikt om nieuwe grote buitenlandse avonturen te ondernemen, zoals verhoogde inspanningen in het uitzichtloos lijkend vredesproces in het Midden-Oosten, met altijd de dreiging van een fiasco. Een publiek meningsverschil met Israël komt evenmin van pas in zo'n verkiezingsjaar.

Daarnaast staan nog andere Amerikaanse beleidslijnen haaks op elkaar. Enerzijds zijn de VS gekant tegen doelgerichte liquidaties van de zijde van Israël. Anderzijds heeft de Amerikaanse regering de neiging Israël te beschouwen als een bondgenoot in de oorlog tegen het terrorisme, waardoor zij doorgaans de Israëlische geweldsacties milder beoordeelt. Los daarvan zullen Arabische leiders na gisteren niet extra zijn aangespoord Bush te steunen in diens strijd tegen terreur.

De laatste dagen was de Amerikaanse regering druk in overleg met Israël over de plannen van Sharon zich militair terug te trekken uit de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever. Het Witte Huis propageerde gisteren nog steeds `de Routekaart' met de twee-staten-visie en zei dat Washington ,,zeer betrokken blijft''. Maar hoe president Bush nog dit jaar al deze ingrediënten tot één efficiënt beleid vormt, is niet duidelijk.