Sharon gokte vaker verkeerd

Het lijkt onwaarschijnlijk dat met de moord op sjeik Yassin de verspreiding van het terrorisme een halt wordt toegeroepen, betoogt David Ignatius.

`Het is veel veiliger gevreesd dan bemind te worden', schreef de filosoof Niccolò Machiavelli bijna vijfhonderd jaar geleden. Deze harde logica is zichtbaar in de Israëlische moordaanslag van gisteren op sjeik Ahmed Yassin, de leider van de terreurbeweging Hamas.

Het is voor de Israëlische premier Ariel Sharon beter om als meedogenloos dan als zwak te worden gezien. Dat geldt vooral nu Sharon van plan is de Palestijnen tegemoet te komen door zich terug te trekken uit een aantal nederzettingen in Gaza. Het gevaar van deze eenzijdige terugtrekking, zei een adviseur van Sharon enkele maanden geleden tegen mij, is dat terreurbewegingen als Hamas misschien zouden denken dat ze hadden `gewonnen' door de Israëliërs tot de aftocht te dwingen.

De Israëlische defensieanalist Zeev Schiff legde gisteren in de on line-editie van de krant Ha'aretz uit: ,,De boodschap die Israël met de liquidatie van sjeik Ahmed Yassin heeft afgegeven, is dat Hamas niet zal kunnen beweren dat de terugtrekking uit Gaza – als Israël daar uiteindelijke toe overgaat – is bevorderd door het optreden van Hamas.''

Maar zelfs Machiavelli was van mening dat intimidatie haar grenzen heeft. Enkele zinnen na de hierboven aangehaalde beroemde passage waarschuwde hij: ,,Een vorst dient echter zodanig vrees in te boezemen dat hij, indien hij geen liefde wint, haat weet te vermijden.''

Gemeten naar deze machiavellistische maatstaf heeft Sharon gefaald. Een woedend Hamas heeft ter vergelding nieuwe zelfmoordaanslagen aangekondigd en overal in het Midden-Oosten en Europa is Israël gisteren door regeringen veroordeeld.

,,Het is onaanvaardbaar, het is ongerechtvaardigd en het is hoogstwaarschijnlijk niet doeltreffend'', zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Jack Straw.

Zal de Israëlische actie effect hebben? Dat is de vraag die een hedendaagse Machiavelli zou stellen. De moord op sjeik Yassin zou gerechtvaardigd kunnen zijn – misschien niet moreel maar wel politiek – als daarmee de verspreiding zou ophouden van het terrorisme dat Yassin had helpen aanwakkeren. Maar zelfs in dat opzicht lijkt het onwaarschijnlijk dat de moord het beoogde resultaat zal hebben.

Pragmatische kritiek kwam van Sharons eigen minister van Binnenlandse Zaken, Avraham Poraz. Hij legde gisteren aan Israëlische verslaggevers uit waarom hij in een geheime kabinetsvergadering tegen de operatie had gestemd: ,,Ik ben bang dat de motivatie van Hamas zal toenemen. Yassin zal een soort martelaar, een nationale held, voor hen worden, en ik moet helaas zeggen dat Hamas zich hier niet door zal laten tegenhouden.''

De moord op de half blinde en verlamde Yassin ,,zal voor Hamas alleen maar een opsteker zijn'', beaamde Daoud Kuttab, een vooraanstaande Palestijnse journalist. ,,Dit dient geen enkel ander doel dan te laten zien dat ze sterk en niet zwak uit Gaza weggaan.''

En hoe stelt Israël zich voor dat Gaza zal worden geregeerd zodra het zich terugtrekt? Voor de moord op Yassin had Egypte zich bereid getoond om bij de veiligheid te helpen. En de Palestijnse Autoriteit van Yasser Arafat had (met stilzwijgende goedkeuring van Yassin) plannen opgesteld om na het vertrek van het Israëlische leger recht en orde te herstellen. Maar beide pogingen zouden wel eens kunnen stranden in de beroering om de dood van Yassin. Het is moeilijk te zien hoe Israël zou kunnen profiteren van de anarchie die het gevolg is.

Waarom heeft Sharon het dan gedaan? Eén opgelegd antwoord is dat hij een gokker is. Zijn hele loopbaan is hij bereid geweest de gok te nemen van gewaagde militaire operaties die beloofden het strategische landschap te veranderen. Dit instinct om risico's te nemen is onderdeel van Sharons charisma onder de Israëliërs en verklaart zijn blijvende populariteit, ondanks zijn vele mislukkingen in de loop der jaren.

Maar er is nog een diepgaander kwestie, die de kern raakt van het Israëlische dilemma in de omgang met de Arabieren. Sharon symboliseert de overtuiging dat de Palestijnen met militair geweld te intimideren zijn – en dat vrede alleen mogelijk zal zijn als ze voldoende verzwakt en vernederd worden. Als Israël maar hard genoeg is, zal het volgens deze logica uiteindelijk de wil van de Arabieren breken en hen dwingen het bestaansrecht van Israël te aanvaarden.

Vanuit deze redenering rolden 22 jaar geleden de Israëlische tanks Libanon binnen, in een operatie die volgens Sharon de PLO zou breken en de weg naar vrede zou openen. Maar dat liep anders en veel Israëliërs beamen inmiddels dat de oorlog in Libanon een dure fout is geweest.

Het zou zinloos zijn om de Israëliërs advies over hun veiligheid te geven. Zij leven in de schaduw van het terrorisme en ze moeten hun eigen oplossing vinden. Maar ze zouden wel in overweging moeten nemen dat de aanpak van Sharon nu al meer dan twintig jaar niet werkt. De vernedering van de Palestijnen heeft niet geleid tot onderwerping, maar tot een strategie van suïcidale razernij.

Hoe moet er ooit een einde komen aan deze gruwelijke cyclus van geweld? Misschien zouden beide partijen eerst eens de mogelijkheid kunnen overwegen dat Machiavelli ongelijk had. Soms is het misschien wel veiliger om bemind dan gevreesd te worden.

David Ignatius is columnist.