Opnieuw arrestaties in Spanje

De Spaanse politie heeft naar nu bekend is geworden afgelopen weekeinde in en rond de hoofdstad Madrid nog vier mannen opgepakt vanwege hun betrokkenheid bij de terreuraanslagen van 11 maart jongstleden. Drie van de arrestanten werden opgepakt in de volksbuurt Lavapies waar hoofdverdachte Jamal Zougam een winkel in mobiele telefoons had. Het totaal aantal arrestanten in verband met de aanslag komt hiermee op veertien. De meesten van hen zijn van Marokkaanse afkomst.

De enige Spanjaard onder de verdachten heeft inmiddels bekend dat hij een aantal Marokkanen aan springstof en ontstekingsmechanismen heeft geholpen. Deze waren afkomstig uit een mijn in het noorden van Spanje, waar de man had gewerkt. Volgens zijn getuigenis had hij geen idee waar de explosieven voor gebruikt zouden worden.

De verschillende onderzoeken naar islamitische terreurcellen in Spanje en Marokko, in combinatie met de tot dusver verrichte arrestaties lijken te wijzen in de richting van een moslimextremistische groepering als dader. De kern van de groep zou bestaan uit Marokkanen die net als hoofdverdachte Zougam uit Tanger afkomstig zijn. In Marokko werden eerder extremistische cellen opgericht door Marokkaanse veteranen die in Afghanistan en Bosnië hadden gevochten. Inmiddels zou een nieuwe, nog fanatiekere generatie het roer hebben overgenomen.

De demissionaire Spaanse premier Aznar trad gisteravond voor het eerst na de verkiezingsnederlaag van zijn partij op in een interview voor het commerciële televisienet Telecinco. In zijn optreden zei Aznar alle kritiek te accepteren, maar niet die dat zijn regering heeft gelogen over de betrokkenheid van de ETA. Een mogelijke invloed van de aanslagen op het verkiezingsresultaat wees de vertrekkende premier in eerste instantie af met het argument dat dit het bestaan van ,,goed en slecht terrorisme'' zou betekenen. ,,Ik heb altijd gezegd dat al het terrorisme gelijk is'', aldus de premier. Niettemin hebben de aanslagen hun invloed gehad, aldus Aznar, die het echter te vroeg vond om de mate daarvan te beoordelen. In het gesprek, waarin de premier een vermoeide en verslagen indruk maakte, refereerde hij voor het eerst aan het feit dat hij zelf kort voor zijn aantreden als premier het slachtoffer was geweest van een aanslag van de ETA. Door de bepantsering van zijn auto mislukte die aanslag. Hij zei hierdoor beter te kunnen begrijpen wat de gevolgen voor de slachtoffers en hun familie zijn.