Nederlands Dagblad

[...] Waar koningin Wilhelmina vaak bewust appelleerde aan de idee van God, Nederland en Oranje en op een voor orthodoxe christenen herkenbare wijze sprak over haar band met God, hechtte Juliana minder aan de historische roeping van de Oranjes. De betekenis van haar geloof – inclusief de mystieke inslag die ze van haar moeder erfde, zag ze veel meer in het horizontale: in het streven naar vrede en medemenselijkheid. Haar positie was voor haar een kans om een bijdrage te leveren aan de verwezenlijking van het naoorlogse ideaal van een betere wereld.