Minister moet zich niet ongestraft laten schofferen

Minister Remkes plaatst in het artikel `Een politieagent moet `u' zeggen' (NRC Handelsblad, 13 maart), een aantal behartenswaardige opmerkingen over onder meer de normen waaraan amtenaren zich hebben te houden. Inderdaad, ambtenaren staan in dienst van de minister en het is absoluut verwerpelijk als zij hem te vrijmoedig kritisch voor de voeten lopen of, erger nog, tegenwerken. Zulke overheidsdienaren dienen op een zijspoor gezet of ontslagen te worden.

Maar ook ambtenaren hebben recht op een goed voorbeeld van hun politieke bazen. Als hun bazen, vanaf de minister-president tot en met enige staatssecretaris, zich ongestraft dag in dag uit publiekelijk onbeleefd/onbeschoft laten bejegenen door radio- en tv-interviewers die te vaak totaal geen wellevendheidsnormen in acht nemen, dan krijgt de kijker/luisteraar, onder wie de ambtenaren, op den duur de indruk dat het begrip kritisch een equivalent is van ongepast vrijmoedig en brutaal.

Als ministers en staatssecretarissen zich in overleg met vakbonden te vaak ongestraft laten schofferen door voorzitters of andere vertegenwoordigers, die kennelijk menen hun gezag te moeten ontlenen aan een verwerpelijk brutale houding, dan weten de mede aanzittende hogere ambtenaren ten langen leste niet beter dan dat zo'n houding `moet kunnen'.

Het ware te wensen, dat gezagsdragers van overheid en ook die in het bedrijfsleven eens wat meer moed betoonden en hun afkeer van de hiervoren geschetste ongewenste houding consequent ter plekke duidelijk zouden laten blijken.