Microsoft en Brussel vechten het uit

Het moet worden verwelkomd dat de Europese Commissie en Microsoft hun mededingingsdispuut aan de rechter hebben voorgelegd. De nu opgegeven schikkingspogingen hadden er vermoedelijk nooit toe geleid dat de softwareproducent echte beperkingen zou hebben aanvaard van zijn vermogen om te profiteren van zijn marktaandeel van 95 procent op het gebied van software voor pc's. Als er overeenstemming was bereikt, zou dat waarschijnlijk een fopspeen zijn geworden. Een gerechtelijke uitspraak betekent daarentegen een belangrijk precedent voor het Europese mededingingsrecht.

Microsoft heeft weinig te verliezen door de Europese Commissie haar een boete op te laten leggen en daartegen in beroep te gaan. Het intellectueel eigendomsrecht is een nieuw terrein, waarop zich eerder succesvolle beroepsprocedures zullen voordoen dan bij gevestigde disciplines. En de Commissie heeft diverse belangrijke zaken die zij had aangespannen verloren. Neem de recente zaak tegen IMS, een monopolistische verstrekker van informatie over medicijnenverkopen. Daarin werd een uitspraak van de Europese Commissie teniet gedaan, die inhield dat IMS zijn database tegen betaling zou moeten opstellen voor twee concurrenten. Dat voorspelt weinig goeds voor de inspanningen van Brussel om Microsoft te dwingen een deel van zijn broncode tegen betaling open te stellen voor concurrenten. Het concern boekt op deze manier ook tijdwinst. Naar verwachting zal het wel een paar jaar duren voor het Europese hof van Eerste Aanleg een besluit neemt, en misschien zal het hof tijdens de beroepsprocedure een tijdelijke uitspraak doen. Wellicht zal de situatie zich door technologische veranderingen mettertijd vanzelf oplossen, of kan Microsoft de tijd benutten om zijn software naar andere markten te verspreiden. Het besluit van de Europese Commissie om de zaak tegen Microsoft op de spits te drijven komt onverwachtser. De indruk bestond dat Mario Monti, de commissaris voor mededingingszaken, zou buigen na teleurstellingen in zaken als die tegen Schneider, Tetra Laval en MyTravel. Dat hij dat niet heeft gedaan, duidt erop dat hij het gevoel heeft in dit geval sterker in zijn schoenen te staan. Bovendien schept een rechtsgang een precedent – een belangrijke factor nu het nieuwe besturingssysteem van Microsoft zelfs nog meer functies in zich verenigt. Meer conflicten liggen dus op de loer, en een precedent verschaft de Europese Commissie meer munitie voor een volgende zaak.

Maar er is meer waarop moet worden gewacht dan louter de beroepsprocedure. De Europese Commissie kan momenteel geen zogenoemde structurele rechtsmaatregelen opleggen. Zij kan het gedrag van monopolisten beïnvloeden, maar niet de ondernemingsstructuur van een bedrijf zelf. Dat verandert op 1 mei, waardoor de weg wordt bereid voor een heviger gevecht.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar:

zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.