Meer vreemde talen in basisonderwijs

Basisscholen mogen vanaf schooljaar 2005/2006 naast Engels ook Duits en Frans aanbieden aan hun leerlingen. Burgerschapskunde krijgt bovendien een grotere rol in het lesprogramma. Dat heeft de ministerraad gisteren besloten. Nu mogen scholen alleen Engels als vreemde taal aanbieden.

Het kabinet komt hiermee tegemoet aan afspraken die de Europese ministers van Onderwijs in Barcelona (2002) en Lissabon (2000) hebben gemaakt om kinderen te stimuleren meer talen te leren. Frans en Duits zijn volgens het kabinet belangrijk omdat Nederland van oudsher nauwe banden heeft met België, Frankrijk en Duitsland.

Onder begeleiding van de groepsleerkracht mogen niet-leraren deze lessen aanbieden, bijvoorbeeld mensen uit Frankrijk of Duitsland. Overigens blijft minister Van der Hoeven (CDA, Onderwijs) scholen verbieden in reguliere lestijd Turks of Arabisch te geven.

Het kabinet geeft scholen vanaf 2005 bovendien meer vrijheid om zelf hun lespakketten samen te stellen. Het aantal `kerndoelen', waarin staat wat kinderen na groep 8 moeten kennen en kunnen, gaat daarom omlaag in het basisonderwijs van 115 naar 58. Wel wil het kabinet dat burgerschapskunde, techniek en cultuur een centralere plaats innemen in het lesprogramma.

Ook in het voortgezet onderwijs gaat het aantal kerndoelen waarschijnlijk fors omlaag. Eind vorig jaar adviseerde een commissie onder leiding van oud-hoofdinspecteur Meijerink het aantal kerndoelen terug te brengen tot circa 60. Dit zou de vrijheid van scholen en leraren aanzienlijk vergroten. Minister Van der Hoeven voelt hier wel voor, maar zal hierover later dit jaar met de Tweede Kamer spreken.