Marokko schrikt van rol in terreur

Zowel slachtoffers als de belangrijkste verdachten van de aanslagen in Madrid komen uit Tanger. Tot schrik van Marokko.

Uit de open deuren van het huis van de familie Ben Salah klinken de bezwerende tonen van korangezang. Een tiental familieleden en buren zit op de banken rond de foto's van Sanae Ben Salah, dertien jaar oud en een van de 201 slachtoffers van de terreuraanslagen in Madrid. De begrafenis in Tanger is achter de rug, wat rest is machteloos verdriet. Sanae blikt met verstilde levenslust vanonder haar witte hoofddoekje de camera in. Ze was opgewekt, een goede leerling op school, geliefd bij haar vriendinnen en ze hield van schilderen, zegt moeder Jamila (43) in gebroken Spaans over haar enige dochter. ,,We missen haar erg.''

Jamila kreeg een telefoontje van Carla, de Colombiaanse vriendin van haar dochter die haar op het Atocha-station opwachtte om samen naar school te gaan. Waar Sanae bleef. Aangekomen op het station kon moeder Jamila niet door de afzetting, de politie waarschuwde voor meer ontploffingen. Haar lichaam werd de volgende dag vrijgegeven. Gelukkig was ze niet verminkt, zegt haar oom, Ahmed Oulad (34). Hij begrijpt niet dat iemand onschuldigen kan doden in de naam van zijn geloof. ,,Dat is een hoofdzonde. Dat betaal je met de hel.''

De radeloosheid is er niet minder op, nu blijkt dat de drie hoofdverdachten die vastzitten eveneens geëmigreerde leeftijdgenoten zijn uit Tanger. Jamal Zougam, zijn stiefbroer Mohammed Cahoui en Mohammed Bekkali dreven samen in de Madrileense volkswijk Lavapies een winkeltje voor mobiele telefoons. Ahmed Oulad was er wel eens langs geweest met vrienden die een telefoon moesten repareren. Bekkali kende hij van gezicht. Het blijft voor Ahmed moeilijk te accepteren dat hij oog in oog heeft gestaan met de mogelijke moordenaar van zijn nichtje. ,,Het was een gewone jongen, niets vreemd aan. Ik kan het niet geloven.''

Ongeloof ook bij de vader van Bekkali, die op een Arabische chat-site op internet verklaarde dat zijn zoon geen enkele band met het moslimextremisme onderhield. Bekkali (32 jaar) was een ijverige jongen, een levensgenieter bovendien. Hij was socio geworden van de voetbalclub Real Madrid.

Hemelsbreed op nog geen kilometer, in de buurt Ben Aïliem aan de rand van de Medina, blokkeren agenten van de inlichtingendienst de toegang van het huis van Jamal Zougam, de man die in een van de treinen is gesignaleerd en geldt als hoofdverdachte. Journalist Anas el Haddaoui zat een paar klassen lager met hem op de basisschool, vertelt hij terwijl we de straat uitlopen. Als tienjarig jongetje vertrok Zougam met zijn familie naar Madrid. In de vakanties keerde de familie terug naar het huis in Tanger. Zougam liet op zeker moment zijn baard staan en trok de traditionele djebellah aan, zo vertelden de buren aan El Haddaoui. Tot de aanslag van de elfde september in 2001. Het jaar erop verscheen Zougam zonder baard, met een bos haar en in een afgeknipte spijkerbroek. Hij zat achter de meisjes van de buurt aan. ,,Net een normale jongen uit Tanger'', zegt El Haddaoui.

Uit de uitgelekte informatie duikt de naam van Jamal Zougam op in zowel het Spaanse onderzoek naar het Al-Qaeda netwerk in Spanje als bij de Marokkaanse naspeuringen naar de wortels van de aanslag in mei vorig jaar in Casablanca. Zelfmoordterroristen maakten toen 43 slachtoffers.

Vervolg MAROKKO op pagina 5

Zwaarst getroffen werd vorig jaar mei in Casablanca het restaurant van een Spaans ontmoetingscentrum. De daders, van wie er in Marokko inmiddels een aantal is veroordeeld, worden gezocht in de kring van groepjes die zijn gevormd rond de extremistische moslimbeweging, opgezet door mannen die in de jaren tachtig in Afghanistan hebben gestreden tegen de sovjetbezetters.

Maar er lijken grote verschillen tussen de groep die in Casablanca toesloeg en de cel die nu in verband wordt gebracht met de aanslag in Madrid. De zelfmoordterroristen in Casablanca werden gerekruteerd in de sloppenwijk Sidi Moumen, waar armoe en uitzichtloosheid troef zijn. De verdachten van de aanslagen in Madrid zijn afkomstig uit de lagere middenklasse. Zij zagen hun ambitie om in Europa een nieuwe toekomst op te bouwen uiteindelijk stranden in een min of meer gemarginaliseerd bestaan in Europa's immigrantenwijken.

De Marokkaanse autoriteiten, de intellectuele en de economische elite zijn zich scherp bewust van de schade die het imago van het land kan oplopen, nu de verdachten behoren tot de naar Europa geëmigreerde landgenoten. In Tanger werden, net als in andere steden, demonstraties georganiseerd tegen de terreur. De kathedraal in Rabat vierde een interreligieuze mis waarin premier Driss Jettou moeite had zijn emoties te onderdrukken. In Marokko zelf is al gewaarschuwd dat de Europese steden met hun gemarginaliseerde tweede-generatie-Marokkanen een dankbare kweekbodem kunnen zijn voor de terreur. En, in het kielzog daarvan, een algemeen wantrouwen tegen alles wat uit Marokko komt.

De terreur midden in de wedloop tussen liberalisering en fundamentalisme die Marokko de laatste jaren doormaakt. Koning Mohammed VI trok de aandacht met een nieuwe familiewetgeving die Marokko in één klap in de islamitische voorhoede brengt op het gebied van gelijkwaardige vrouwenrechten. Grote investeringen, zoals van hotelketens en in een nieuwe overslaghaven bij Tanger, moeten het land een economische impuls geven.

Maar de islamitische beweging groeit als kool. Bij de laatste verkiezingen groeide de moslimpartij voor rechtvaardigheid en ontwikkeling (PJD) uit tot de op twee na sterkste politieke kracht van het land. Als deze partij zelf niet vrijwillig zijn kandidaturen had beperkt, zoals in Tanger het geval was, zou de overwinning nog groter geweest zijn.

De PJD, evenals de sterke sociale beweging onder leiding van de Marokkaanse sjeik Yassine veroordelen het geweld, maar gelden als indicatoren van een radicalisering. Dwarsverbanden zijn niet aangetoond, maar Hassan Kettani, de 31-jarige geestelijk leider van de salafistische beweging Marokko, geldt als een leerling van Abdelkrim El Khatib, de voorzitter van de PJD. Kettani werd tot twintig jaar cel veroordeeld omdat hij zijn beweging zou hebben aangestuurd tot het plegen van terreurdaden.

Nu Marokko een steeds centralere rol krijgt toebedeeld in de organisatiestructuur van de terreurgroepen, groeit de roep om samenwerking met de Europese veiligheidsdienst.

Het zakendagblad l'Economiste deed er zijn beklag over dat Spanje te weinig werk maakte met het uitleveren van de verdachten van Casablanca.

De naam van hoofdverdachte Jamal Zougam dook op in onderzoeken naar moslimterreur in Spanje, Marokko en Frankrijk. De Spaanse politie hield hem echter niet in de gaten, zo citeert de New York Times bronnen bij de politie. Er waren volgens hen eenvoudigweg te veel potentiële verdachten om in de gaten te houden.