Hollands dagboek: Kees Moeliker

Kees Moeliker (43), `the duck guy', is conservator van het Natuurmuseum Rotterdam. Hij ontving in Harvard een Ig Nobelprijs voor onderzoek naar necrofilie bij een eend en was deze week met andere winnaars op tournee door Groot-Brittannië. De prijs beloont onderzoekers die met hun werk `mensen eerst laten lachen en daarna aan het denken zetten'. Kees Moeliker was getrouwd en heeft een dochter van zeven.

Woensdag 10 maart

Om half negen breng ik Sezen, mijn dochter, naar haar school aan de Schiedamsesingel. Meester Koudstaal, vandaag met extra gel in zijn haar, heeft een lijst met de spreekbeurtonderwerpen van groep 4a op de deur van zijn klaslokaal gehangen. Dieren zijn veruit het populairst, maar er zijn ook verrassende onderwerpen zoals `het hart', `zwarte gaten' en `het Jodendom'.

In het Natuurmuseum legt Erwin Kompanje de laatste hand aan de opgezette Wilde Eend die een belangrijke rol speelt tijdens de Ig Nobel Tour. Dan heb ik telefoondienst. Twee museumactiviteiten van de afgelopen week ijlen nog na: een man met een zwaar accent vraagt of hij met een groep van 50 Duitsers kan komen kutjekleien (en ,,of de klei er ook naar ruikt'') en een amateur-paleontoloog biedt zijn diensten aan bij het uitprepareren van onze nieuwe pterosauriër. Beide liefhebbers moet ik teleurstellen: kutjekleien was een eenmalige activiteit tijdens de Rotterdamse Museumnacht, en voor het prepareerwerk hebben we een specialist in huis.

's Middags met Sezen naar zwemles. Sinds ze onbedoeld kopje-onder ging tijdens de les, kreeg ze (onder)watervrees. Zweminstructeurs Elly en André hebben haar daar met veel toewijding van afgeholpen. Ze zwemt weer als een rat en zelfs `het diepe gat' neemt ze zonder angst. Na de les goed nieuws: volgende week diplomazwemmen! Dat hoogtepunt moet ik dus missen. Tegen de avond breng ik Sezen bij haar moeder. Hoewel de gezamenlijke zorg voor onze dochter goed gaat, blijf ik – anderhalf jaar na onze scheiding – overdrachtsituaties nog steeds dramatisch vinden.

Thuis in Schiedam arriveert Pek van Andel (59) uit Groningen. Pek kreeg in 2000 een Ig Nobelprijs voor zijn verhelderende onderzoek naar de anatomie van de mannelijke en vrouwelijke genitaliën tijdens de geslachtsdaad, in beeld gebracht met een MRI-scanner. Hij blijft slapen en reist morgen mee naar Oxford, waar de tour begint. Dennis, mijn vriendin, kookt een heerlijke pasta met zeevruchten, haar specialiteit. Pek praat, veel en voornamelijk over serendipiteit, zijn specialiteit. Na de maaltijd gaat Peks ranzige regenjas op zijn verzoek in de wasmachine.

Donderdag

Ik verdenk Pek ervan dat hij in z'n regenjas heeft geslapen, een oude kampeerderstruc om kleding de volgende dag weer droog te kunnen aantrekken. Mijn vader is zo vriendelijk om ons naar Zestienhoven te rijden. De BA (British Association for the Advancement of Science) en Times Higher Educational Supplement (THES), sponsors van de Ig Nobel Tour, hebben ons in een eenvoudig hotel in Oxford ondergebracht. Sezen kent mijn mobiele nummer kennelijk uit haar hoofd en belt me vanuit het huis van een vriendinnetje. Ze heeft haar rapport gekregen: allemaal zevens en achten en het magere zesje voor werktempo is met een halve punt verbeterd. Wat een enthousiasme door de telefoon.

In een grote collegezaal van het Claredon Laboratorium ontmoeten we Marc Abrahams, het brein achter de Ig Nobelprijzen, hoofdredacteur van de Annals of Improbable Research en master of ceremonies van de avond.

Er zijn zes Ig Nobelprijswinnaars. We krijgen elk vijf minuten spreektijd. De rest van het programma bestaat uit Marcs wervelende introductie, opvoeringen van act 1, 2 en 3 uit de opera Atom en Eve, en optredens van lokale Luxuriantly Flowing-Haired scientists (langharige wetenschappers, leden van de gelijknamige club). Karl Schwärzler (de 2003 economie Ig Nobelwinnaar), Pek en ik worden ingeschakeld voor de simultaanvertaling in respectievelijk Zwitsers-Duits, Frans en Turks. Alles heeft veel weg van de groots opgezette, georganiseerde chaos van de jaarlijkse Ig Nobelceremonie in Harvard. Het programma, door Marc consequent `show' genoemd, voltrekt zich in rap tempo en het publiek gooit enthousiast met papieren vliegtuigjes. Pek steelt de show met mooie plaatjes van de MRI-coïtus. Ik geef het ooggetuigenverslag dat mij de Ig Nobelprijs opleverde: de langdurige verkrachting van een woerd die zich had doodgevlogen tegen de glazen gevel van het Natuurmuseum Rotterdam. Vergeet helaas op het moment suprème mijn opgezette eend tevoorschijn te toveren. Morgen beter.

Pas om elf uur een behoorlijke maaltijd. Het sneeuwt.

Vrijdag

Wat gisteren volkomen langs me heen is gegaan, staat uitgebreid in de ochtendkranten. Zowel The Times, The Independent als The Guardian openen met `Massacre in Madrid'. Wat een foto's, wat een horror. Vandaag naar Nottingham, per trein. Pek gaat in de trein nog even luidkeels door op gisteravond. Zijn MRI-scans toonden aan dat de inwendige wortel van de penis tweederde van de totale lengte van het geslachtsorgaan inneemt. ,,That's why it hurts when you ride a bicycle while having an erection'', doceert hij. Waarschijnlijk fiets ik te weinig om dat te kunnen beamen. Rond Coventry krijgt het landschap een mistroostigheid die zijn weerga niet kent. Pas bij Nottingham kijk ik weer uit het raam. We moeten ons haasten, want de campus van Trent University ligt ver buiten de stad. We komen op een receptie terecht van de voltallige besturen van de BA en de universiteit. Beetje stijfjes. BA-voorzitter Helen Haste, psychologe en `visiting professor' in Harvard, is een uitzondering. Ze klampt zich enthousiast aan me vast en introduceert me aan het gezelschap in krijtstreeppak: ,,Gentlemen, this is the duck guy!''.

De show loopt als een trein. Ben zeer onder de indruk van Harold Hillman, een hoogbejaarde fysioloog die in 1997 de prijs kreeg voor zijn onderzoek naar de mogelijke pijn die terdoodveroordeelden kunnen ervaren als gevolg van verschillende executie methoden. Hij heeft schijt aan het programma en steekt een onverwacht verhaaltje af over `male bovine rectal contents', bullshit dus. Vies eten na afloop.

Zaterdag

Met Pek, Marc en Gerard Kelly (adjunct-hoofdredacteur van THES) per vliegtuig naar Belfast. We treden vanmiddag op in een splinternieuw Science Center, W5 genaamd. De vijf w's staan voor whowhatwherewhenwhy. Het is gebouwd op een voormalig haventerrein, vlak naast de vervallen werf waar de Titanic werd gebouwd. Lijkt op de Kop van Zuid in Rotterdam, alhoewel hier rouwkwikstaarten rondvliegen. We worden verwelkomd door Anke Jongen, een Utrechtse biologe met een onvervalst Belfast-accent. Enthousiaste jonge vrouw. De show trekt welgeteld twaalf belangstellenden, van wie er zelfs nog drie voortijdig afhaken. Wat een verschil met voorgaande steden. Te mooi weer, volgens Anke. Volgens mij is de plek te nieuw.

We reizen per trein naar Dublin. Op het moment dat we de stad binnenrijden breekt een hels vuurwerk los. We belanden midden in festiviteiten in het kader van St. Patrick's Day. Deze heilige schijnt alle slangen uit Ierland verjaagd te hebben. Onzin natuurlijk, want er komen van oorsprong geen slangen in Ierland voor. Hoe dan ook is er een enorme Guinness drinkende mensenmassa op de been.

Zondag

Hoewel ik gisteravond mijn nieren goed doorgespoeld heb, word ik wakker met een lichte pijn in de rechter flank. Dient zich weer een steentje aan? In het Natuurhistorisch Museum is een tentoonstelling over de opmars van slangen in Ierland. Sta echter voor een gesloten deur: ze gaan pas om twee uur open. Wandel op mijn gemak naar het gebouw van de Royal Dublin Society. De show vindt plaats in een prachtige ruimte, oorspronkelijk een laboratorium gebouwd in 1731, met aan de lange wanden duizenden meters boekenplank met ingebonden wetenschappelijke tijdschriften. Pek is er niet weg te slaan. Marc geniet zichtbaar van het enthousiaste, massaal toegestroomde publiek. Ook de Ieren hebben gevoel voor humor. Pek en ik draaien ons verhaaltje voor de vierde keer af en krijgen ook de smaak te pakken. David Gadian is uit Londen overgekomen en vertelt droogjes over zijn onderzoek dat aantoonde dat bepaalde delen van de hersenen van Londense taxichauffeurs beter ontwikkeld zijn dan bij de rest van de bevolking van die stad. Na afloop wordt de show voortgezet in de pub. Mijn eend krijgt een plaats op de bar. Veel Guinness, goed voor de nieren.

Maandag

,,Goodmorning gentlemen!'' Ik wil niet weten wat de jongen van roomservice gedacht moet hebben op het moment dat Pek in zijn blote reet het ontbijt aanpakt en ik de opgezette eend in mijn koffer stop. We vliegen naar Glasgow, waar we optreden in het `Royal College of Physicians and Surgeons', een zeer geleerd, 400 jaar oud instituut. Charles Paxton, Ig Nobelprijswinnaar biologie 2002, wordt aan het programma toegevoegd. Hij spreekt over de opmerkelijke seksuele belangstelling die struisvogels op farms in Engeland voor mensen vertonen. Charles werkt nu aan zeezoogdieren en wil graag een afgietsel van onze potvispenis. Dat kan geregeld worden. De avond eindigt met harde dreun: de regionale science-limerick-winnaar loopt op een drafje tegen de glazen voordeur en zit groggy op de grond. De Schotten zien er de vrolijke kant van en vragen hem of hij zich door mijn verhaal heeft laten inspireren.

Dinsdag

We vliegen naar Bristol en treinen verder naar Exeter. Er is tijd voor een stadswandeling. In de kathedraal, waar men al meer dan 800 jaar bidt, duw ik een gammel karretje met een horizontaal geplaatste spiegel voor me uit en bekijk het plafond met fraaie ornamenten zonder een stijve nek te krijgen. Mooi houtsnijwerk.

De show is in een grote collegezaal van de universiteit. Chris McManus voegt zich bij het ignobele gezelschap en vertelt over zijn uitgebalanceerde onderzoek naar de asymmetrie van de menselijke balzak. Prachtig!

Woensdag 17 maart

Met Marc en Pek zo'n beetje de hele dag in de trein tussen Exeter en Manchester doorgebracht. Er zitten gelukkig stopcontacten zodat ik op mijn gemak dit dagboek kan bijwerken. Om twee uur belt Sezen: ,,Pappa, ik heb mijn zwemdiploma gehaald!'' Ook ik ben blij.

In het auditorium van de University of Manchester is de bar tijdens het programma open. Het publiek haalt de ene pint na de andere. Dat komt de sfeer ten goede. Ben nu een week op reis, steek voor de achtste keer mijn verhaaltje over de twee eenden af: totale spreektijd 40 minuten. Morgen nog één keer vijf minuten, in Londen. Dit dagboek eindigt in de `Thirsty Scholar'.