Een dagboek vol rampen

Nooit komen rampen eenzaam als verspieders, schreef Shakespeare al en schrijfster Rosita Steenbeek kan daar van meepraten. In haar boek Intensive Care beschrijft zij hoe ze twee jaar geleden werd getroffen door een helse stoet afschuwelijke rampen die ze ternauwernood overleefde. De eerste was de breuk met haar geliefde, de tweede het hartverscheurende sterfbed en overlijden van haar vader en de derde, vierde en vijfde ramp kwamen op haar weg in de vorm van een auto-ongeluk waarbij een dierbaar familielid stierf en Rosita en haar moeder zwaar gewond in het ziekenhuis belandden.

Intensive Care is geen roman maar een verslag van de manier waarop deze niet aflatende ellende haar leven heeft beïnvloed. Én het is een hommage aan haar vader, Jan Steenbeek, die als docent aan de Universiteit van Utrecht generaties neerlandici opleidde in zeventiende-eeuwse literatuur.

Rosita Steenbeek (1959) werd in 1994 bekend met haar autobiografische debuutroman De laatste vrouw waarin ze haar relaties beschreef met twee beroemde Italiaanse mannen: schrijver Moravia en filmregisseur Fellini. In interviews vertelde ze over haar voorkeur voor deze imponerende bejaarden omdat zij substituten waren voor haar vader. Ze had een `vadercomplex' zei ze bij de presentatie van De laatste vrouw. Tijdens het schrijven was ze erachter gekomen dat de zoektocht naar haar vader het hoofdthema was van haar roman en van haar leven. Om aan haar vader te ontsnappen was ze verhuisd naar Rome, waar ze hem vervolgens tegenkwam in de gedaanten van erudiete, charismatische geliefden.

Tegen deze achtergrond is het peilloze verdriet van Steenbeek om het sterven van haar vader goed te plaatsen. Ze schrijft er roerend over in Intensive Care. Terwijl de oude Steenbeek in het ziekenhuis lag, stond Rosita haar moeder bij in het ouderlijk huis in Amersfoort. Na zijn overlijden kwam een neef moeder en dochter met de auto halen voor een `troostetentje' in Utrecht. Op de terugweg raakte de chauffeur bewusteloos, knalde tegen een boom en overleed ter plekke. Rosita brak haar rug, haar moeder haar nek en samen streden ze in het Utrechts Medisch Centrum tegen hun angst, pijn en verdriet.

Tussen de klinische beschrijvingen van het ongeluk, de behandelingen in het ziekenhuis, de contacten met verplegend personeel, medepatiënten, vrienden en familie, schetst Steenbeek in flashbacks een liefdevol portret van haar overleden vader. In slapeloze nachten herbeleeft ze zijn rouwdienst in de kerk, zijn begrafenis, maar ook haar jeugd in een gelukkig gezin met eeuwig verliefde ouders, twee zusjes en een broer. Het boek is opgedragen aan haar moeder, die net als Rosita wonderbaarlijk is hersteld.

En de les die er uit dit nuchtere, ingehouden en beeldend geschreven rampendagboek te trekken valt? Dat je uit een beetje geloof, een sprankje hoop en heel veel liefde, zelfs in de zwartste tijden, moed en troost schijnt te kunnen putten.

Rosita Steenbeek: Intensive Care. Prometheus, 165 blz. €15,-