Coördinator terreurbestrijding

De EU-ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken praten vandaag in Brussel vooral over de vraag hoe ze alle anti-terreurmaatregelen die ze sinds `9/11' hebben ingesteld, beter kunnen uitvoeren. Voor grootse, nieuwe ideëen zijn ze huiverig. Een Oostenrijks-Belgisch plan voor het opzetten voor een veiligheidsbureau, dat eerder deze week circuleerde, is daarom al naar de prullenmand verwezen.

Er is maar één nieuw voorstel dat een kans maakt: de benoeming van een anti-terreurfunctionaris (sommigen spreken van een `terreur-tsaar'), die alle overlegclubjes voor politie- en veiligheidsagenten die er de afgelopen jaren zijn opgericht, gaat coördineren. Veel lidstaten, die al vóór Madrid met dit idee speelden, denken dat er dan veel meer uit die clubjes kan komen dan nu. Minister Donner van Justitie zei vanmorgen dat deze coördinator ,,een hele duidelijke operationele opdracht moet krijgen''.

Ook zullen de ministers waarschijnlijk een `solidariteitsverklaring' goedkeuren. Die verklaring is niet nieuw. Ze staat al in de ontwerp-grondwet voor de Europese Unie, maar die is (nog) niet goedgekeurd. Volgens deze verklaring zullen de lidstaten elkaar helpen, als terroristen de burgerbevolking en democratische instellingen in de EU bedreigen. Nu is dat vooral window-dressing – lidstaten bieden elkaar immers al snuffelhonden, technische hulp of onderzoeksteams aan. Maar als de EU-grondwet eenmaal is aangenomen, krijgt dat meer inhoud: dan kan Brussel het initiatief nemen voor dit soort assistentie.