Sparta gaat ten onder in melodrama

Zelden was het verschil tussen euforie en ontgoocheling dit seizoen zo klein als bij de bekerkraker tussen Sparta en FC Utrecht. Na een schouwspel van 120 minuten dat aan vrijwel elk cliché van aantrekkelijk bekervoetbal voldeed, kreeg Ricky van der Bergh de mogelijkheid Sparta voor het eerst sinds 1996 naar de bekerfinale te schieten. De invaller die de verlosser van Het Kasteel had moeten worden, faalde voor ruim tienduizend toeschouwers. Nog geen minuut later droop hij af als de schlemiel van de avond.

De hoofdrollen werden opgeëist door doelman René Ponk en spits Sandro Calabro van FC Utrecht die op de beslissende momenten wel koelbloedig waren. Uitzinnig van vreugde zong de meegereisde aanhang van FC Utrecht de spelers toe. Zij staan voor de derde keer in drie jaar in de eindstrijd van het bekertoernooi. Tegenstander op 23 mei is FC Twente, dat bij een loting op televisiezender SBS6 als thuisspelende ploeg werd aangewezen.

De spelers van FC Utrecht stonden dansend van geluk voor het vak van de eigen aanhang. Zwaaiend met de blauwe uitshirts vierden de Utrechtse volksclub de fortuinlijke overwinning die op basis van het vertoonde spel niet eens verdiend was geweest. Maar de afgelopen jaren heeft FC Utrecht als geen ander geleerd dat bekervoetbal zijn eigen wetten kent. Slechts de overwinning telt, de verliezer is snel vergeten. Het Sparta van coach Mike Snoei was weer voor één avond terug in het middelpunt van de belangstelling, maar de beloning bleef uit. De Spartanen lagen aangeslagen op de grasmat waar ze volgende week vrijdag de voetballers van AGOVV Apeldoorn ontmoeten. Voorlopig zal het karakteristieke `S.P.A.R.T.A' niet meer zo hard en zo mooi door het stadion galmen als vlak voor de ontknoping tegen FC Utrecht.

Zowel in de reguliere speeltijd als in de eerste helft van de verlenging leek Sparta de overwinning te gaan opeisen. De supporters van de oudste profclub in Nederland namen al een voorschotje op een sensationele zege. Maar de doelpuntenmakers Dave van den Bergh (2-2) en invaller Joost Broerse (3-3) maakten een einde aan de Rotterdamse feestvreugde en de heldenrol van Danny Koevermans en Ricky van der Bergh.

Vooral het laatste doelpunt van Broerse zette de wedstrijd op zijn kop. De blonde voetballer was amper twee minuten in het veld, toen hij met een van richting veranderd schot via de binnenkant van de paal de Utrechtse hoop levend hield. Het `zilveren doelpunt' van Sparta was opeens geen goud waard. De Utrechtse aanhang die na de treffer van Sparta-aanvaller Van der Bergh minutenlang verweesd voor zich uit had gestaard, veerde op. De leus `We gaan met zijn allen naar de Kuip' klonk nu uit het vak met Utrecht-supporters. De Spartanen waren stil.

Dol van geluk rende Broerse naar de plek waar zijn ouders en zijn vriendin zaten. De voetballer gaf na afloop toe dat hij al zijn gram in het schot had gelegd. De speler die dit seizoen overkwam van FC Groningen was teleurgesteld dat hij ondanks een optreden in de basis tegen AZ wederom op de bank was gezet door coach Foeke Booy. Zelfs een invalbeurt zat er aanvankelijk niet voor hem in. Pas toen het bekeravontuur voor FC Utrecht voorbij leek, mocht hij invallen voor Jean-Paul de Jong. ,,Ik heb de laatste tijd niet veel geluk gehad'', zei een glimlachende Broerse na afloop. ,,Ik was getergd. Ik heb de bekerfinale gered. Misschien is mijn tijd nu gekomen.''

Maar de `supersub' dreigde in de strafschoppenreeks toch nog uit te groeien tot de boeman van FC Utrecht, toen hij zijn inzet gekeerd zag door Sparta-doelman Frank Kooiman. ,,Daar denk ik nu maar even niet aan'', stelde Broerse terwijl de beker in een hoekje achter hem op de grond stond. ,,Bij mij overheerst het mooie gevoel van de zege.'' De rol van schlemiel was even later voor Ricky van der Bergh.

Ponk en Calabro hadden de misser van ploeggenoot Broerse van elf meter ongedaan gemaakt. Hoewel Sparta noch FC Utrecht vooraf op strafschoppen had getraind, wist Ponk van een lijstje van assistent-trainer John van Loen de favoriete hoeken van de Sparta-spelers. ,,Dat heeft zeker geholpen'', zei Ponk die in de reguliere speeltijd ook al een strafschop van Danny Schenkel had gepakt. ,,We hebben iets met bekervoetbal. Ondanks alle problemen die FC Utrecht heeft gekend zijn we een hecht collectief gebleken.''

Even verderop vierde Calabro het hoogtepunt van zijn carrière. Brutaal had hij in de middenstip tussen zijn ploeggenoten de zesde strafschop opgeëist. De 20-jarige Hagenaar sloeg toe waar zijn Spartaanse stadgenoot Ricky van der Bergh kort daarvoor had gefaald. ,,Niet te geloven. Wat een thriller'', stamelde een blije Calabro.

Zijn ploeggenoot Pascal Bosschaart was verscheurd door vreugde en verdriet. Met tranen over de wangen liep de voetballer, die door een gele kaart de eindstrijd zal moeten missen, door de catacomben van Het Kasteel. Aan de andere kant van de gang treurden de Spartanen.

Sparta

3

FC Utrecht

3

Ruststand 0-1. 10. De Groot 0-1, 61. Koevermans 1-1, 64. Koevermans 2-1, 78. Van den Bergh 2-2, 97. Van der Bergh 3-2, 105. Broerse 3-3.

Strafschoppenserie: Levtsjenko mist, Zuidam 0-1, De Fauw 1-1, Broerse mist, Da Silva 2-1, Van den Bergh mist, De Nooijer 3-1, Kruys 3-2, Van der Bergh mist, Van de Haar 3-3, Van Bueren mist, Calabro 3-4.

Schds: Vink. Tsch: 10.800. Gele kaarten: De Fauw, Nascimento, Van Bueren (Sparta), Ponk, Bosschaart, Van de Haar, Kruys (FC Utrecht).