Knallende kleuren in een zuigende leegte

Allereerst knallen de gifkleurige kapsels uit het toneelbeeld: Leny Breederveld tooit zich met paars, Beppie Melissen met hardgroen, Joop Admiraal draagt een roestrode pruik en de vierde acteur, René van 't Hof, heeft glanzend zwart. De kostumering is vergelijkbaar opgebouwd uit grelle kleuren. Met deze uitdossing bevinden zich vier acteurs in een kil café vol eenzaamheid, net als de personages op een schilderij van Hopper.

De voorstelling door Theatergroep Carver heet Zuur, maar die titel valt nergens. Carver heeft het patent op toneel dat een lijzige vorm van ironie behelst. Daarmee bereikt het gezelschap een groot dramatisch effect, en ook een in-trieste atmosfeer. In Zuur komen vier naamloze figuren bijeen die zich verbazen over de buurman en buurvrouw. Die laatste twee zijn `altijd bij elkaar', maar toch kijkt de vrouw van het stel alsof ze immer naar de man op zoek is. De cafébezoekers beschikken over niets anders dan hun lege, uitzichtloze bestaan. In trage monologen, die onophoudelijk langs elkaar heen schuiven, creëren zij toch een beeld van het raadselachtige tweetal. Beppie Melissen geeft een prachtige monoloog over de buurvrouw, altijd gekleed in het wit met een ,,kapsel als een schotelantenne'', die in dezelfde supermarkt boodschappen doet. Wat ze koopt zijn ,,voetnoten bij een bestaan dat geen bestaan'' is.

Er zitten meer parels in de tekst, en ook in het spel. Met minimale middelen spinnen de spelers een wonderlijke theateravond. Joop Admiraal heeft een kleine maar belangrijke rol. Hij is de buitenstaander die op sarrende manier vragen stelt, een woord uit een monoloog herhaalt, nu eens een valse terzijde plaatst, dan plots de zuigende leegte van het bestaan van zijn personage toont. Begaafd mime-speler René van 't Hof speelt een door seks geobsedeerde man. Hij imiteert de manier waarop buurman de buurvrouw bemint, met Leny Breederveld als voorbeeld-object. Hoe ver hij ook gaat, Breederveld negeert elke intimiteit. Met afgewend hoofd tuurt ze opzij.

Aan het slot verschijnt de buurvrouw in een dubbelrol in travestie van René van 't Hof. Op klassieke wijze varieert Carver op het thema van de vreemdeling, die alleen al door haar aanwezigheid de fantasie prikkelt. Hiermee brengt de groep een bijzonder mechanisme aan het licht. Praat over een afwezige en iedereen richt zich op hem. Alle dromen, geheime verlangens, duistere drijfveren worden op de afwezige geprojecteerd.

Op de achtergrond klinkt dreigende muziek, als in een film. Zuur heeft veel weg van een film noir waarin weinig gebeurt en vooral veel wordt gesuggereerd. In het laatste beeld staan de bezoekers van het café met hun jas aan, gereed om te vertrekken. Het is moeilijk te zeggen waarom, maar opeens gaat je aandacht uit naar het voornamelijk stille spel van Joop Admiraal. Hij toont de vloekend knalgele binnenzijde van zijn overjas. Zal hij wel of niet weggaan, en waarheen dan? De jas hangt als een nutteloos kledingstuk van zijn schouders. Hij aarzelt tussen vertrekken en blijven. De voorstelling houdt op. De toeschouwer kan zich inbeelden dat die mensen nog aldoor zo staan, pratend over een echtpaar dat misschien niet eens bestaat.

Voorstelling: Zuur door Theatergroep Carver. Regie: Gerardjan Rijnders. Muziek: Truus Melissen en Louis ter Burg. Gezien: Toneelschuur, Haarlem. Aldaar t/m 20/3. Tournee t/m 6/6. Inl. 020-6277 555, www.viarudolphi.nl