Terrorrisme 1

De terrorristische aanslagen van 11 maart in Madrid zijn even afschuwelijk en laf als die destijds in de VS. Woede, afschuw en strijdbaarheid zijn onze eerste reacties. Maar wat moeten we er vervolgens mee? Omdat er een verband is gesuggereerd tussen de Spaanse houding en participatie in de Irak-oorlog, menen de socialisten in Spanje en in Nederland dat de militaire aanwezigheid in Irak beëindigd moet worden. Een niet zo fraaie aftocht, maar vooral: capituleer je dan niet voor terroristisch tuig?

Rechercheren en proberen verdachten veroordeeld te krijgen is vanzelfsprekend, maar de afschrikkende werking van zware straffen voor terroristen lijkt mij, gelet op de vele zelfmoordaanslagen, niet erg groot. Preventie en maatregelen om dergelijke aanslagen proberen te voorkomen zijn in open en vrije samenlevingen in Europa niet goed denkbaar. De westerse regeringen zullen zich het hoofd moeten breken over wat de terroristen mogelijk beweegt en waarschijnlijk tot de conclusie komen dat het vooral de westerse arrogantie is, met de VS voorop, om de problemen overal in de wereld te willen oplossen. Laten de bewoners van andere werelddelen, als zij onze inbreng niet wensen, vooral hun eigen boontjes doppen; de actieve westerse bemoeienis laat zien dat de maakbaarheid van politieke systemen in andere landen gering is. Wanneer je ergens een dictator verjaagt, heb je niet meteen democratie: democratie is iets dat in de hoofden van mensen en in structuren moet zitten en het duurt misschien wel een generatie om dat te bereiken. Hier past grote terughoudendheid en hopelijk brengt die ons vrede.