Eerste kievietseitje is eigenlijk nummer drie

Het eerste Friese kievitseitje is eigenlijk het derde, maar wel het eerste officiële. De gelukkige vinder is Geert Otter (53) uit Haskerdijken die het gisteren rond kwart voor zes vond in een weiland bij Terband (gemeente Heerenveen). Vandaag werd het door de Friese commissaris der Koningin Nijpels op het Leeuwarder provinciehuis in ontvangst genomen. Otter kon de vereiste `aaisikerspas' (de verplichte pas voor eierzoekers in Friesland) tonen.

Maandagmiddag rond vier uur vond biologisch boer Hessel Bouwma uit Tirns het officieuze eerste kievitsei bij Makkum. Maar omdat het weiland waarin hij het eitje vond, ganzengedooggebied is, had hij daar pas om half vijf mogen eierrapen. Hij was dus een half uurtje te vroeg, zodat zijn vondst niet telde. Gistermiddag werd nog een kievitsei gevonden bij Wolvega, maar de vinder bezat niet de verplichte pas. Otter krijgt nu de ,,sulveren ljip'' (een bokaaltje van een zilveren kievit), het vindersloon van 15 euro en de provinciale oorkonde. ,,Hartstikkie mooi'', reageert hij. ,,Ik ben een natuurman, al vanaf mijn jeugd ben ik in de weilanden.''

Overigens was het tot gisteravond tijd onzeker of Otter zich officieel de eerste vinder mocht noemen. Gisteren was er namelijk nog een melding van een eerste ei binnengekomen bij de gemeente Gaasterlân-Sleat. Vinder Johan Deinum uit Wijckel meldde dat hij het ei om vijf voor zes gevonden had. Otter bleek de politie echter eerder te hebben ingelicht, zo wees het politielogboek uit. ,,Achteraf is dat mijn geluk geweest'', aldus Otter. ,,Het is jammer voor Hessel, die ik ken, maar het `aaisykje'' is nu eenmaal aan regels gebonden''.

Friesland is de enige provincie waar het rapen van kievitseieren is toegestaan. De `aaisikers' moeten hiervoor echter wel een pas hebben van de Bond van Friese Vogelbeschermingswachten (BFVW) en aan nazorg (nestbeschermers plaatsen). De zoektijd duurt nog tot en met 9 april.