Zes missers van een socioloog

In zijn bespreking van het rapport Bruggen Bouwen van de Tijdelijke Commissie Onderzoek Integratiebeleid suggereert Dick van Eijk zes conclusies die de commissie had kunnen trekken (NRC Handelsblad, 12 maart). Zes overbodige suggesties: ze staan er al in, of ze zijn zo algemeen dat ze een gevaarlijke versimpeling zijn. Een weerlegging is dus op zijn plaats.

Algemeen beleid heeft vaak meer invloed op integratiebeleid dan specifiek beleid voor allochtonen.

Dit staat uitgebreid in het rapport. Bijvoorbeeld: vooruitgang op de kernterreinen werken, wonen, onderwijs, emancipatie en kwaliteit van de woonomgeving is cruciaal voor integratie. Bewoners geven aan dat achteruitgang van de wijk voornamelijk te maken heeft met verwaarlozing van publieke ruimte, onzekerheid over herstructurering en onvoldoende bestrijding van overlast en criminaliteit.

Beleid krijgt onvoldoende tijd om te worden uitgevoerd.

Deze conclusie is veel te algemeen, het rapport bevat ook veel voorbeelden van beleid dat, tegen beter weten in, te lang werd doorgevoerd. De aanbeveling van Van Eijk miskent juist het verschijnsel dat beleid ook vaak te lang wordt doorgezet. Een oplossing die beide kwalen aanpakt, ligt dus niet in het altijd gunnen van meer tijd, maar in regelmatige evaluaties. Aangezien de Tweede Kamer dit proces enige jaren geleden in gang heeft gezet, zou een aanbeveling hierover een open deur zijn.

De politiek moet vaker stilstaan bij de vraag hoe beleid beëindigd wordt.

Er zijn inderdaad voorbeelden te vinden van beleid dat bijna terloops beëindigd is, maar evenzeer van gevallen waar veel debat heeft plaatsgevonden (bijvoorbeeld de wet `Samen', over registratie van allochtone werknemers). Het onderzoeksrapport vult deze suggestie concreet in, daar waar zinvol beleid beëindigd dreigt te worden. Bijvoorbeeld met de conclusie dat de commissie constateert dat projecten zoals het convenant met grote ondernemingen en het midden- en kleinbedrijf redelijk succesvol zijn (overigens worden deze projecten binnenkort beeïndigd), en de aanbeveling dat zolang evenredigheid voor allochtonen op de arbeidsmarkt niet is bereikt, convenanten tussen sociale partners gestimuleerd en door de overheid geïnitieerd moeten worden.

Opgebouwde deskundigheid verdwijnt met de uitvoerders van het beleid.

Onze commissie kan moeilijk aanbevelen dat deskundigheid verdwijnt als projecten worden beëindigd waarvan het succes niet aantoonbaar is. Als Van Eijk goed had gelezen, had hij geweten dat het rapport over het duizendbanenplan schrijft: De taakstelling wordt wel gehaald, maar een aantal geplaatste personen voldoet niet aan de criteria. Volgens de TWCM wordt dit project dus ten onrechte als succesvol neergezet.

De commissie had de aanbeveling kunnen doen dat uitvoerders van beleid zoals woningcorporaties en scholen moeten worden verplicht te rapporteren hoe ze beleid hebben uitgevoerd.

Opnieuw verwijs ik naar de sinds een aantal jaren bestaande verantwoordingsprocedure op de derde woensdag in mei. Deze betreft niet alleen de financiële kant van beleid, maar ook de mate waarin beleidsdoelen zijn gehaald. Aangezien de hele Tweede Kamer deze verantwoordingssystematiek onderschrijft, zou een aanbeveling op dit gebied een open deur zijn.

Doe aanbevelingen voor verder onderzoek.

Voor een rapport waarvan alleen de literatuurlijst al 21 pagina's beslaat is de vraag naar nog meer onderzoek niet erg sterk. Wel is er, zoals Van Eijk terecht constateert, een gebrek aan internationaal vergelijkend onderzoek. Toch hebben we er bewust niet om gevraagd: het wordt inmiddels uitgevoerd.

Stef Blok is lid van de Tweede Kamer en maakt deel uit van de fractie van de VVD. Hij is voorzitter van de Tijdelijke Commissie Onderzoek Integratiebeleid.