Poetins broze stabiliteit

Een herkozen Russische president is gisteren ontspannen aan zijn tweede termijn begonnen. Politieke opponenten waren monddood gemaakt of hadden eieren voor hun geld gekozen. Van meet af aan stond vast dat maar één man de presidentsverkiezingen zou winnen: Vladimir Poetin, tsaar, sfinx, ex-KGB'er en leider aller Russen. Hij heeft de rust en voorspelbaarheid in het Kremlin teruggebracht, hetgeen velen als een belangrijk voordeel zien. Tegelijkertijd zijn onder zijn bewind politieke en economische hervormingen uitgebleven. Een strategische visie voor Rusland heeft hij niet ontwikkeld. Het bleef bij branden blussen. Zijn populariteit leed daar niet onder. Visie is in Rusland een gevaarlijk woord. Het stond te vaak gelijk aan chaos of onderdrukking.

Poetins rijk grenst vanaf mei over een aanzienlijk grotere lengte aan de Europese Unie dan nu, reden te meer om het doen en laten van de hoofdbewoner van het Kremlin goed te volgen. Nogmaals vier jaar Poetin kan een herhaling zijn van zijn vorige termijn. Maar dan moeten er geen rare dingen gebeuren. Behalve het democratische tekort is Ruslands grootste probleem de broze stabiliteit, die voornamelijk stoelt op hoge olieprijzen en een daardoor voorlopig gegarandeerde inkomstenbron. Daalt de prijs van ruwe olie, dan is het waarschijnlijk ook gedaan met de relatieve rust. Op zo'n moment komen de problemen des te schrijnender aan het licht: de bureaucratie, de slinkende bevolking, de oorlog in Tsjetsjenië, het terrorisme.

Een economie die min of meer op peil blijft – dat is Poetins houvast. Hij heeft de sleutel tot succes zelf in handen. Om zich minder afhankelijk van de olie te maken, zijn buitenlandse investeringen nodig. Juist daaraan schort het de laatste jaren. Amerikaanse, Europese en Aziatische bedrijven zijn lang niet meer zo happig als voorheen om hun geld in Rusland te beleggen. In 2003 bedroeg de omvang van de buitenlandse investeringen 3,5 miljard dollar, een daling ten opzichte van het jaar daarvoor en een schijntje gelet op de potentiële aantrekkingskracht van het land. Oorzaak daarvan is het wantrouwen bij buitenlandse ondernemingen en politici sinds de arrestatie van Michail Chodorkovski, olietycoon en Ruslands rijkste man. Hij legde het af tegen de macht van de president. Economie is nu eenmaal politiek in Rusland, en omgekeerd, en ook bij dit conflict bleek de staat de sterkste. Het buitenland reageerde met kritiek en zette een rem op zijn beleggingen. Poetin won de strijd met Chodorkovski, maar de prijs was letterlijk hoog.

Met een autocratische president en een Doema zonder echte oppositie heerst in Moskou een politieke atmosfeer die doet denken aan de tijden van weleer. Dat geeft misschien houvast aan hen die met recht vrezen voor de altijd dreigende ordeloosheid en verwording in dit immense rijk. Maar echte stabiliteit wordt er niet mee bewerkstelligd. De EU, de Verenigde Staten, pressiegroepen en handelsorganisaties zullen bij Poetin op politieke hervormingen en economische liberalisatie moeten aandringen. Die dienen wederzijdse belangen. De herkozen president hoeft niet met fluwelen handschoenen te worden aangepakt. Als machtspoliticus is hij wel wat gewend.