Al-Qaeda winnaar Spaanse verkiezingen

De beoogde socialistische Spaanse premier Zapatero maakt zijn verkiezingsbelofte waar: Spaanse soldaten worden uit Irak teruggetrokken. In dit geval was het beter geweest als Zapatero zijn verkiezingsbelofte had gebroken of zijn aankondiging op een later tijdstip had gedaan. Want nu heeft niet hij, maar Al-Qaeda de verkiezingen gewonnen.

Zapatero's besluit heeft in potentie grote gevolgen voor de dreiging van het terrorisme in Europa. Als het zó gemakkelijk is om westerse troepen uit de islamitische wereld te laten vertrekken, zullen extremistische moslims in het Spaanse besluit ongetwijfeld een aanmoediging vinden om de druk verder op te voeren.

Daardoor komt het door Osama bin Laden geformuleerde doel van een islamitische wereld vrij van vreemde smetten (lees: westerlingen en joden) en verenigd onder een politiek religieus leider weer een stap dichterbij.

Hier dringt zich de vergelijking op met de situatie die voor de Amerikanen tot de gebeurtenissen van `11 september' hebben geleid. De Amerikanen reageerden niet op de val de sjah van Iran in 1979. Voor extremisten was dat de eerste belangrijke aanwijzing dat de verwijdering van Amerikaanse invloeden uit de islamitische wereld mogelijk is.

Een paar jaar later, in 1982, verdwenen de Amerikanen uit Libanon. Dat gebeurde na een gruwelijke bomaanslag in Beiroet waarbij ruim 230 mariniers de dood vonden. In 1993 trokken de Amerikanen zich uit Somalië terug, nadat door toedoen van krijgsheer Aideed, overigens gesteund door Osama bin Laden, Amerikanen sneuvelden en één dode soldaat door de straten van Mogadishu werd gesleept. In 1995 en 1996 werden aanslagen gepleegd op Amerikanen in de Saoedische hoofdstad Riad, met als gevolg dat zij hun militaire activiteiten ver buiten de hoofdstad voortzetten. In 1998 vergolden de Amerikanen op symbolische wijze het opblazen van hun ambassades in Dar-es-Salam en Nairobi, maar een reactie bleef uit toen terroristen de USS Cole in de haven van Aden opbliezen. In de ogen van extremisten is het ongelovige Westen week en decadent. Ze hechten te veel aan het

leven en zijn niet bereid hun belangen te verdedigen. Ze incasseren en gaan weg. In die zin was de Amerikaanse reactie op 11september een misrekening van de extremisten.

De reactie van Zapatero past in het beeld van een week en decadent Westen. Althans in de ogen van moslimextremisten. De conclusie is daarom gerechtvaardigd dat dit besluit de risico's van aanslagen voor andere, met name West-Europese landen verhoogt. En zo worden Europa en Amerika ook nog eens uit elkaar gespeeld.

De kans op andere aanslagen is bovendien groot, omdat `11 maart' niet op zich zelf staat. Er zijn vele pogingen tot catastrofale aanslagen ondernomen, variërend van een aanslag op de kerstmarkt van Straatsburg (2000) en een sarin-aanval op het Europees Parlement in diezelfde stad (2001), tot vergiftiging met cyanidegas van het drinkwatersysteem van Rome, gelijktijdig met een aanslag op de Amerikaanse ambassade aldaar (2002). Deze en andere aanslagen werden verijdeld. Cynisch gezegd: in de ogen van terroristen moest het een keer lukken. En Madrid had pech.

Hoe dit soort aanslagen te voorkomen? Politieke acties als het verminderen van de westerse aanwezigheid in de moslimwereld helpen niet. Het leidt slechts tot het opvoeren van de extremistische druk. Het aanhalen van de banden met landen als Egypte en Saoedi-Arabië, zoals Zapatero ook wil, werkt eveneens averechts. Want de regimes van die landen zijn pro-westers, dus corrupt in de ogen van de extremisten. Omdat deze regimes door extremisten worden bestreden, zal het aanhalen van de banden leiden tot meer aanslagen in de islamitische wereld.

Alle ogen zijn daarom gericht op de inlichtingendiensten. Geen wonder dat die onder vuur liggen. Helemaal terecht is dat niet, want het bovenstaande lijstje bewijst dat die diensten juist redelijk effectief zijn.

De eerste reactie is dat inlichtingendiensten beter moeten samenwerken. Timothy Garton Ash betoogde dat gisteren op deze pagina. Hij wordt gesteund door politici als Eurlings (CDA) en Wilders (VVD).

Maar tot nauwe samenwerking is daags na `11 september' reeds door de Europese Unie de NAVO en de nationale regeringen, inclusief de Nederlandse, besloten. De crux zit eerder in de werkwijze en cultuur. Om dreigingen vroegtijdig te onderkennen, is het noodzakelijk dat inlichtingen van geheime diensten, politiediensten, andere overheden en zelfs particuliere instellingen nationaal en internationaal voortdurend gedeeld worden.

Even belangrijk is dat analisten van die inlichtingen buiten hun eigen hokjes kunnen denken. Dat is erg moeilijk binnen diensten die per definitie verkokerd zijn, omdat ze nu eenmaal met geheime inlichtingen werken.

Maar ook al zou de informatiestroom geoptimaliseerd worden en hebben we de meest briljante analisten, dan nog zijn dit soort aanslagen nooit helemaal te voorkomen. Want terroristen splitsen zich op in kleine, autonome cellen waarin nauwelijks infiltratie mogelijk is en inlichtingen niet door telefoontaps kunnen worden vergaard, omdat terroristen de telefoon niet gebruiken.

Prof. dr. Rob de Wijk is directeur van het Clingendael Centrum voor Strategische Studies.