Spelen voor roeiers van de acht ongewis

De Holland Acht is nog geen eenheid. De roeiploeg lijkt ook nauwelijks op zijn gouden voorganger.

Verschillen te over tussen de eerste Holland Acht en de ploeg van coach Mark Emke die afgelopen weekeinde op de Amstel in Amsterdam de Heineken Roeivierkamp won. De Gouden Acht begon in 1993 met een vijfde plaats bij de wereldkampioenschappen roeien. In 1994 en 1995 veroverde de ploeg zilver bij de WK. In 1996 werd, na een seizoen waarin de acht ongeslagen bleef, het goud opgeëist bij de Spelen van Atlanta. In 2001 was Nederland tiende bij de WK, in 2002 afwezig en in 2003 dertiende.

De resultaten van Nederlandse achten sinds de Spelen van Sydney – waar de roeiploeg drie zilveren medailles wegsleepte maar de Holland Acht II faalde – spreken voor zich. De sombere cijfers gelden voor vrijwel de hele roeiploeg. In 1999 plaatsten zeven boten (dertig roeiers) zich voor de Spelen van 2000, vorig jaar zeven roeiers voor `Athene'. De Emke Acht wil in juni een van de twee laatste startbewijzen voor de Spelen veroveren.

De `Atlanta acht' verscheen in 1996 niet bij de Roeivierkamp. ,,We zaten toen in een trainingskamp waar de basis voor olympisch goud werd gelegd. Een heel ander uitgangspunt'', erkent Michiel Bartman, de meest ervaren kracht van de acht. René Mijnders, hoofdcoach van de roeibond, had de achtervolgingswedstijden op de bochtige stadsrivier waar hoge kades voor een hinderlijke deining zorgen, liever gemeden. Mijnders: ,,Meestal word je niet beter van de weken op de Amstel. Maar samen een pot varen is ook veel waard.''

Overeenkomsten tussen de gouden acht en de `Nereus Combi', zoals de ploeg zich voor de Roeivierkamp inschreef, bestaan ook. Net als de acht van '96 begon de Groningen acht afgelopen voorjaar als een vriendenclubje. En al was Ronald Florijn in 1996 tevreden geweest met brons, om het goud veilig te stellen moest een aantal vrienden plaatsmaken voor sterkere roeiers. Ook Emke ging op zoek naar versterking van zijn Groningen acht die op 8 juni 2003 de NK in het koningsnummer won. Na selectie hielden drie roeiers van vorig jaar stand. Net als de eerste Holland Acht werd de Groningen acht buiten de roeibond om geformeerd. In beide gevallen werd het particuliere initiatief pas na succes door de roeibond omarmd.

In beide achten roeide Bartman, direct daarachter zat ook in 1996 Diederik Simon. Het duo maakte toen deel uit van het middenschip, waar de sterke roeiers zitten die de boot aandrijven. Afgelopen weekeinde, bijna acht jaar later, bepaalden Bartman en Simon het tempo. Bartman, die met Simon bij de Spelen van 2000 zilver won in de dubbelvier, meldde zich in januari bij Emke. Pas op nieuwjaarsdag besloot Bartman niet langer vast te houden aan de dubbelvierboot.

Voorselecties waren op dat moment al door Emke afgerond. Twijfels over de conditie van Bartman weerlegde de 36-jarige roeier evenwel met heldere cijfers op een roeiapparaat. Zijn score lag binnen het gemiddelde vermogen dat de roeiploeg leverde. Daarnaast meet de ergometer Bartmans feitelijke waarde niet. Het apparaat hield geen rekening met het feit dat Bartman op het water slechts zijn 87 kilo hoeft voort te slepen (terwijl een hoger gewicht op de ergometer de score positief beïnvloedt) en ook aan zijn onbetwiste kwaliteit als slagroeier had het apparaat volledig lak.

Vorige maand werd bij een trainingskamp in Sevilla uit een groep van twaalf de acht geselecteerd. Naast de routiniers Bartman en Simon kregen Matthijs Vellenga, Jan Willem Gabriëls, Daniël Mensch, Geert-Jan Derksen, Gijs Vermeulen en Gerritjan Eggenkamp een plaats in de boot. Eggenkamp kon echter nooit meetrainen; door een gescheurde rib moest hij ook bij de Vierkamp verstek laten gaan. Ren ten Thije, die na de komst van Bartman het veld moest ruimen, verving Eggenkamp.

Vermoeid door onderlinge strijd en spanning die de selecties met zich meebrachten, werd begonnen aan de reis richting Athene. Vorige week werd een nieuwe boot in gebruik genomen. Maar met de boot van Canadese makelij – de werf leverde de schepen waarin de laatste twee jaar de wereldtitels werden behaald – konden de roeiers niet overweg. Ranker en mogelijk sneller bleek de nieuwe acht te wankel voor de weinig op elkaar ingespeelde roeiers. Hun vorige boot van Duitse herkomst was voor het toernooi toegezegd aan buitenlandse ploegen. Uiteindelijk werd in de boot gevaren waarmee Emke zelf in een veteranencategorie won. Voor en na de vier afstanden moest de boot telkens worden omgebouwd. Emke roeide op bakboord terwijl Bartman op de zelfde positie in de boot over stuurboord roeide waardoor alle posities in de boot wisselden van zijde.

Of de acht op koers ligt voor de Spelen kan na de Roeivierkamp onmogelijk worden vastgesteld. Het resultaat over vier verschillende afstanden laat nauwelijks iets zien. De ruwe Amstel verhulde hoe het octet het over twee maanden zou kunnen doen bij de wereldbekerwedstrijd in Polen. Mijnders was tevreden, Emke zag zijn ploeg in het tweedaagse toernooi verbeteren. Na Polen oordeelt NOC*NSF of de `prioriteitsboot' voor het olympische kwalificatie toernooi zal worden aangemeld.

PORTRET pagina 15