Kilo's rozen op graf van Proust

Op het graf van de Franse schrijver Marcel Proust werd gisteren een zware bos rozen gelegd. De boekenweek was aanleiding voor een literair bezoek aan de bekendste begraafplaats van Parijs.

Zondagnamiddag, begraafplaats Père Lachaise. Twee Franse vrouwen kijken van achter hun zonnebril toe hoe hun vermoedelijke vader, een man van middelbare leeftijd, vaardig door een groep Nederlandse journalisten laveert. Nieuwsgierig nadert de man het graf waar de fotografen en reporters omheen staan. `Marcel Proust (1871-1922)', staat er in gouden letters gebeiteld in de zwartmarmeren grafsteen. Verbaasd bekijkt de Fransman het gezelschap, dat aandachtig naar een Nederlands gesproken toespraak luistert. ,,Wat doen deze Hollanders bij het graf van Proust?', zie je hem denken.

Geen van de aanwezigen vertelt de Fransman dat de lopende Nederlandse boekenweek dit jaar als thema `Gare du Nord – ontmoetingen met Frankrijk' heeft, en dat de stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) van mening is dat een uitje voor het journaille naar een Parijse begraafplaats dan niet mag ontbreken. De zondag van de boekenweek is namelijk `Dag van de onsterfelijken', en daar zijn er op Père Lachaise nogal wat van: Proust, auteur van Op zoek naar de verloren tijd, maar bijvoorbeeld ook Guillaume Apollinaire en Honoré de Balzac.

Dode Nederlandse schrijvers zijn daarentegen dun gezaaid in Parijs. Zo werd kanshebber (want lang Parijzenaar) Willem Frederik Hermans gecremeerd in Utrecht. Expert Hans Heesen, auteur van een index van graven van Nederlandse schrijvers, vertelt in de trein van Amsterdam naar Parijs dat hij precies één Nederlandse schrijver kent die in de Franse hoofdstad zijn laatste rustplaats vond: Conrad Busken Huet (1826-1886). ,,Maar ja, die ligt op Montparnasse, een van de andere begraafplaatsen.'

De sfeer onder de Nederlandse delegatie is, mede door het vervoer naar de begraafplaats in een schoolreisjesbus, nogal melig: de vele manshoge grafmonumenten doen denken aan Madurodam en het beroemde graf van Jim Morisson is een verleidelijk spijbelproject. Toch is er bij het graf van Proust zowaar even sprake van een gewijde stilte. Oorzaak hiervan is een eenvoudig ritueel: een afvaardiging van de Nederlandse Marcel Proust Vereniging legt een imposante bos rozen op de grafsteen van de schrijver. Een bijbehorend lint is voorzien van de tekst: ,,Ode aan de doden: een moment voor overleden schrijvers'. Het eerder geplaatste bruinplastic bekertje met mini-trompetnarcissen valt een beetje in het niet bij de kilo's rode en witte rozen.

Parallel aan het bezoek aan Père Lachaise bezocht een tweede groep journalisten, onder leiding van vertaler en cultureel attaché Philippe Noble, Frankrijks meest imposante dodentempel, het Panthéon. In de kelders van dit gebouw liggen de stoffelijke resten van onder meer Voltaire, Jean-Jacques Rousseau en Emile Zola. Voorafgaand aan beide excursies genoot het complete gezelschap een copieuze lunch in restaurant Le Procope (1686), van oudsher een bekende verzamelplaats voor Franse literatoren.

Tussen de gangen door sprak oud-criticus Kees Fens over de verschillen tussen Nederlanders en Fransen in hun omgang met de `onsterfelijken': ,,Nederlanders willen vergeten, niemand mag zich verheffen. Fransen hebben meer respect voor hun klassieken', aldus Fens.

De `doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg'-mentaliteit van Nederlanders is een open deur, en lijkt bovendien achterhaald. De laatste jaren is er – getuige de omvangrijke biografieën van bijvoorbeeld Multatuli, Menno ter Braak en Lodewijk van Deyssel – immers groeiende aandacht voor `onsterfelijke' Nederlandse schrijvers. Maar voor ongecompliceerd vereren hebben Nederlanders toch weinig talent, vindt ook Hans Heesen: ,,Het graf van Theo Thijssen is zomaar geruimd en J.J.L. ten Kate ligt al twintig jaar zonder grafsteen op de Nieuwe Oosterbegraafplaats. Zoiets zou in Frankrijk nooit zijn gebeurd.'

Gerectificeerd

Trein naar Parijs

Het fotobijschrift bij het artikel Kilo's rozen op graf van Proust (15 maart, pagina 9) meldt dat Paul Haenen, Youp van 't Hek en Philip Freriks in de trein zitten op weg naar Parijs. De drie op de foto reisden die zaterdag per trein in het kader van de Boekenweek door Nederland. De reis naar Parijs – ook in het kader van de Boekenweek – betrof een ander gezelschap.