Hockeyploeg herwint glans en vertrouwen

Na een halfjaar in onzekerheid te hebben verkeerd over de eigen mogelijkheden, hebben de Nederlandse hockeyers hun glans en hun zelfvertrouwen weer enigszins herwonnen. In het door de terreuraanslagen getraumatiseerde Madrid sloot de ploeg van bondscoach Terry Walsh het olympisch kwalificatietoernooi zaterdag in stijl af door gastheer Spanje in de finale met 2-1 te verslaan.

,,De hele wereld keek toe om te zien of het EK [vierde plaats, red.] een incident was of dat het structureel mis zit bij ons'', zei aanvoerder Jeroen Delmee na afloop van het prestigeduel met het gastland. ,,We hebben hier laten zien dat het een incident is geweest. Deze overwinning zullen we gezien de sfeer hier in Madrid niet uitgebreid vieren, maar desalniettemin zijn we er erg blij mee.''

Het kostte de selectie moeite het hoofd bij het toernooi te houden na het inferno van donderdagochtend in vier forensentreinen, erkende Delmee, die vrijdagavond onder de indruk raakte van de stille protestmars in de binnenstad. ,,De rillingen liepen mij over de rug.'' Op last van de Spaanse overheid besloot de organisatie donderdag in de loop van de dag om het toernooi volgens schema af te ronden.

Nederland had tegen Spanje wat goed te maken, nadat het aanvalslustige elftal van seleccionador Maurits Hendriks in het groepsduel (2-2) oppermachtig was geweest en zes maanden geleden, bij het EK in Barcelona, met 5-2 een gevoelige tik had uitgedeeld in de halve finales. Die nederlaag bleek de inleiding tot een succesvolle opstand binnen de spelersgroep tegen het regime van bondscoach Joost Bellaart.

Diens opvolger Walsh heeft de rust hersteld en de speldiscipline aangehaald. Dat resulteerde in Madrid tot zeven aanvaardbare optredens, waarin het elftal zelden schitterde maar een gedegen basis legde waarop Walsh en assistent Michel van den Heuvel eind mei hopen voort te borduren. Op weg naar Athene speelt de titelhouder onder meer een vierlandentoernooi, eind juni in Amstelveen (met Duitsland, India en Pakistan), en een tweeluik tegen zowel Spanje als Duitsland.

Ook het duel van zaterdag was in feite niet meer dan een veredeld oefenduel. Beide ploegen verzekerden zich acht dagen geleden al van plaatsing. De resterende drie wedstrijden golden als eerste aanzet op weg naar `Athene'. Frank en vrij speelden Nederland en Spanje dan ook, en dat leidde tot een boeiend duel met tal van technische hoogstandjes.

Topscorer Santi Freixa zette Spanje op voorsprong, waarna de thuisploeg verder afstand leek te nemen. Maar uitgerekend op het moment dat verdediger Bram Lomans dankzij een gele kaart voor tien minuten aan de kant zat, sloeg sterspeler Teun de Nooijer toe met een knappe tempoversnelling en een dito individuele actie. Toen een verlenging na zeventig minuten noodzakelijk bleek, verraste Nederland de thuisploeg. Binnen twintig seconden was de golden goal een feit, dankzij een fraaie uithaal met de backhand van HGC-spits Ronald Brouwer.

Zuur waren de druiven voor België, dat zaterdag in de allerlaatste minuut van de strijd om het zevende en laatste olympische startbewijs een 2-1 voorsprong uit handen gaf tegen Zuid-Afrika. De gelijkmaker kwam veertien seconden voor het verstrijken van de reguliere speeltijd op naam van routinier Gregg Clark. Omdat in de verlenging niet werd gescoord, moesten strafballen uitkomst bieden. Nadat Ian Symons de stand in de tweede reeks vanaf zes meter veertig naar 3-4 had getild, miste strafcornerspecialist Jean-Philippe Brulé. Daarmee viel het doek voor de Rode Duivels, die zich voor het eerst sinds 1976 (Montreal, negende plaats) weer hadden willen kwalificeren voor de Spelen.