De VVD stelt `religie' over EU ter discussie

De VVD worstelt met de mogelijke toetreding van Turkije tot de Europese Unie. Dat bleek tijdens de bijeenkomst van de partijraad afgelopen zaterdag.

,,Is dit mijn VVD? Een partij van knakenpoetsers, azijnpissers en xenofoben?'' Zó polemisch als voormalig VVD-europarlementariër Florus Wijsenbeek, thans voorzitter van de afdeling Den Haag, brachten maar weinig leden van de VVD-partijraad hun gevoelens zaterdag onder woorden.

Maar de gêne onder een aanzienlijk deel van het partijkader over de eurosceptische tonen waarmee de VVD de laatste tijd vaak vereenzelvigd wordt, was onmiskenbaar. Dat bleek vooral toen – in bedekte termen – de kwestie Turkije in de partijraad aan de orde kwam.

In het ontwerpmanifest voor de Europese verkiezingen van de VVD, dat de partijraad moest vaststellen, kwam het woord `Turkije' niet voor, maar iedereen wist wat er bedoeld werd met de zinnen: ,,Bij een eventuele verdere uitbreiding van de EU verkrijgt een Europees land slechts kandidaatstatus wanneer het voldoet aan de politieke Kopenhagen-criteria. Pas daarna wordt een traject voor toetreding overeengekomen''.

Die formuleringen – naar verluidt vooral op instigatie van vice-premier Zalm in het manifest terecht gekomen – zijn erop gericht te voorkomen dat premier Balkenende eind dit jaar, als voorzitter van de Europese Unie, wellicht met Turkije afspraken maakt over onderhandelingen, terwijl dit land op dat moment nog niet voldoet aan alle criteria voor toetreding tot de EU. Dat de term `Turkije' daarbij in het manifest niet viel, was volgens de wandelgangen van de partijraad het werk van fractievoorzitter Van Aartsen, die wél een principieel voorstander is van toetreding van Turkije.

Het was echter niet de antithese tussen de twee voorlieden van de VVD – de vice-premier en de fractievoorzitter in de Tweede Kamer – waarmee de partijraad zaterdag aan de slag moest. Het ging vooral om het wegpoetsen van een uitspraak van die partijraad zelf (vorig jaar september gedaan in Ermelo) dat Turkije helemaal geen lid van de EU dient te worden ,,omdat het geen Europees land is''.

Deze meer radicale benadering, in september aan de partijraad voorgelegd in het kader van het streven meer een `discussiepartij' te zijn, moest nu aan het oog worden onttrokken. ,,Maar als we dat als partijraad hebben uitgesproken, kunnen we nu toch niet zonder discussie iets heel anders gaan beweren'', probeerde een afgevaardigde nog. Partijvoorzitter Jan van Zanen hield het debat echter kort en wist een verdere gedachtenwisseling over plaats en functie van de partijraad te vermijden.

De kwestie Turkije kwam wel inhoudelijk aan de orde. ,,Het gaat er niet om of wij ja of nee verliefd zijn op Turkije'', aldus Jules Maaten, lijsttrekker van de VVD bij de verkiezingen voor het Europees parlement in juni. ,,Sinds Turkije als kandidaat-lid is geaccepteerd, lígt het gewoon in Europa''. Tweede Kamerlid Van Baalen, binnen de VVD een van de eurosceptischer woordvoerders, sloot zich bij deze visie aan. Turkije geheel willen uitsluiten is in strijd met eerder aan dit land gedane toezeggingen en bovendien binnen de EU een kansloos standpunt, betoogde hij: ,,Het gaat in Europa ook om betrouwbaarheid, en als we nu andere dingen gaan roepen krijgen we niets binnen''.

Relatief het meest kritisch ten aanzien van de eerdere partijraad-uitspraak was partijprominent Gijs de Vries, die zijn eigen partij verweet eerder in strijd met de liberale waarden te hebben gehandeld: ,,Wij hebben als VVD gezegd dat Europa niet op religieuze waarden mag worden gebaseerd. Dus kan er ook geen sprake van zijn te zeggen dat Turkije `geen Europees land is''.

En zo werd ten aanzien van Turkije de ontwerptekst van `Europa, een liberaal project' aanvaard, met dank aan eurocommissaris Bolkestein, die onder die titel eens een artikel had geschreven. De partijraad voegde aan het manifest paragrafen toe over landbouw, immigratiepolitiek en buitenlands beleid – maar droeg niet bij aan radicalisering van het document. Rest de vraag wat de VVD gaat doen, wanneer het maken van afspraken tussen de EU en Turkije daadwerkelijk aan de orde komt. ,,Onze minister [Zalm] en onze staatssecretaris [Nicolaï] zullen dan pal staan'', verzekerde van Aartsen aan het eind van de dag. In ieder geval komt, naar Van Aartsens oordeel, de VVD nu reeds de eer toe ,,de religie van het uitbreidingsdenken ter discussie te hebben gesteld''.