Gevangenisdirecties

Het gaat erom dat uw opmerkingen onnodig badinerend en zelfs kwetsend waren (...) De recente gebeurtenissen (...) hebben ertoe geleid dat ik niet langer het vertrouwen heb dat een verdere vruchtbare samenwerking met u mogelijk zal zijn. Dit gebrek aan vertrouwen leidt ertoe dat ik van mening ben dat wij moeten bezien op welke wijze uw dienstverband een einde kan vinden (Topambtenaar van Justitie in een brief aan gevangenisdirecteur Jacques van Huet, 19 dec. 2003)

Dat zij vanwege hun professionele opvattingen over het regime binnen het gevangeniswezen zouden worden ontslagen, is een bewering die niet door het ministerie van Justitie wordt gedeeld (Persbericht ministerie van Justitie, 7 maart)

Die zin moet óf door een kloon óf door een natuurlijk kind van Piet Hein zijn geschreven. Maar hoe je 'm ook probeert te ontleden, om te draaien, tegen het licht te houden of in je eigen woorden na te vertellen echt ontkennen is volgens mij toch net een nuance anders (Jan Blokker, 8 maart)

Natuurlijk is er een relatie tussen de kritiek en hun gevraagde vertrek. (...) Ik kan mij voorstellen dat Donner het niet altijd leuk vindt deze kritiek te moeten aanhoren. Maar het hoort er nu eenmaal bij, we leven in de 21ste eeuw (Woordvoerder J. Hut van de CMHF, 8 maart)

Het kan niet zo zijn dat verstandige kritische geluiden beloond worden met gesprekken die een dreigende ondertoon hebben (D66-fractieleider Boris Dittrich, 8 maart)

Ambtenaren hebben geen afstand te nemen van het beleid, dat is het karakter van een ambtenaar. (...) Dit beginsel zal de Kamer zonder meer moeten onderschrijven als ze wil vasthouden aan het primaat van de politiek. (Minister Donner,

9 maart)

Als Donner gelijk heeft, is dat natuurlijk reden voor ontslag. Maar het oogt alsof zij worden gestraft, omdat ze kritiek hadden (Wolfsen, PvdA-Kamerlid, 9 maart)

Ik kan niet accepteren dat dit in Nederland anno 2004 reden is voor ontslag (GroenLinks-woordvoerster Marijke Vos, 9 maart)