Een stukje Duitse degelijkheid

Hoe duur is autorijden? Tien automobilisten becijferen hun mobiliteitskosten. Vandaag Frans Geluk, een van de 950.000 Opel-rijders in Nederland.

Frans Geluk (64) uit Hellevoetsluis is een echte Opel-man. Zijn eerste auto kocht hij in 1970 nog bij de Citroën-dealer. Maar zijn nieuwe Deux Chevaux bleek een `maandagauto', waar altijd wel wat aan mankeerde. Uit de Benelux-tunnel moest hij eens worden weggesleept met verbrande kleppen en op een dag hing zijn Eend helemaal scheef door een paar kapotte veren.

Na twee jaar panne vond Geluk het welletjes en stapte hij over op Opel. De gepensioneerde elektrotechnicus raakte verknocht aan auto's met een bliksemschicht op de grill. Na zes Ascona's, één Record, twee Omega's, één Vectra en één Zafira koestert hij geen enkel verlangen naar auto's van een ander merk. Lachend zegt hij: ,,Je denkt toch niet dat ik in zo'n rare Japanner ga zitten?''

Hij weet precies wat hij aan Opel heeft, zegt Geluk: ,,Een stukje degelijkheid. Goede inruilprijzen. En als ik met de caravan in Duitsland of Oostenrijk ben, is er altijd wel een Opel-dealer in de buurt. Nee, pech heb ik op vakantie nog nooit gehad. Maar het idee dat ik overal terecht kan, geeft me gewoon een prettig gevoel.''

Dankzij mensen als Frans Geluk is Nederland al decennialang een Opelland. De Duitse dochteronderneming van het Amerikaanse General Motors is al 35 jaar marktleider in Nederland. In meer opzichten is Frans Geluk een doorsnee automobilist. Hij rijdt zo'n 17.500 kilometer per jaar, slechts een fractie boven het gemiddelde kilometrage voor personenauto's. Zoals veel automobilisten koopt hij zijn auto's bovendien nieuw, om ze net als veel nieuwkopers na een jaar of vier weer in te ruilen. Dé manier om gedoe te voorkomen, zegt hij. ,,Ik heb geen trek om stil te staan met een auto. En ook aan sleutelen heb ik een hekel. Een accu of uitlaat hoef ik nooit te vervangen. Vóór de eerste grote reparaties ruil ik mijn auto al in.''

Ten slotte beantwoordt Geluk in nóg een opzicht aan het clichébeeld van de Nederlandse automobilist. Eén keer in de week krijgt zijn auto een schoonmaakbeurt. Niet in de wasstraat, want dat geeft maar ,,lelijke halen'' op de lak. Nee, met een emmertje sop en de tuinslang. Een vervelend karweitje, maar bemodderde flanken vindt hij geen gezicht: ,,Een wagen moet lekker schoon zijn''.

Als oud-projectleider is Frans Geluk bedreven in calculeren en kan hij goed onderhandelen. Eigenschappen die van pas komen bij het inruilen. Als het zover is, poetst hij zijn auto nog eens goed op. ,,Hij moet lekker strak staan, dat maakt een goede indruk.'' Met zijn blinkende wagen gaat hij altijd bij zeker drie verschillende Opel-dealers langs. Een handelwijze die de moeite loont, zegt Geluk. Neem zijn vorige Opel, een Vectra Station. Tussen het hoogste en het laagste inruilaanbod zat liefst 2.300 euro verschil.

Sinds 28 december 2001 rijdt Geluk in een zwarte Zafira 2.2 Elegance, een stevige ruimtewagen waar zijn hengels en golftassen met gemak inpassen. En dankzij de krachtige motor heeft zijn auto geen moeite met de caravan. Bij de geplande inruil eind 2005 (,,Ik ruil altijd aan het eind van het jaar in, dan moeten dealers vaak nog auto's verkopen en willen ze wat meer doen'') hoopt Geluk van de aanschafprijs van 28.725 euro nog zo'n 16.000 euro terug te krijgen. De ANWB/Bovag-koerslijst noemt een wat lagere inruilprijs, maar daar mag je volgens de Opel-rijder gerust wat boven gaan zitten. ,,Op nieuwe auto's zit een winstmarge van zo'n 8 tot 10 procent.''

Uit zijn hoofd somt Geluk moeiteloos de vaste en variabele lasten van zijn auto op. Aan wegenbelasting betaalt hij jaarlijks 552 euro. Aan verzekering is hij 700 euro kwijt, aan onderhoud gemiddeld zo'n 475 euro en aan brandstof 2.255 euro (de Zafira rijdt gemiddeld 1 op 9). Al met al komt de Opel, inclusief renteverlies, op zo'n 7.800 euro per jaar, oftewel zo'n 45 cent per kilometer.

Per maand betekent dat zo'n 650 euro aan autokosten. ,,Veel geld'', zegt Geluk, maar hij heeft het er beslist voor over. Ter illustratie vertelt hij een kleine anekdote. Hij woont op de vierde verdieping van een flat aan de rand van Hellevoetsluis. Vanuit zijn fauteuil kijkt hij uit op een brede weg. ,,Van de week zag ik daar 's avonds zo'n Japannertje met de motorkap omhoog. Drie dagen later stond ie er nog. Daar moet ik toch niet aan denken.''

Degelijkheid, herhaalt Geluk. Dat Opel de laatste jaren probeert wat vlotter ogende modellen te bouwen, vindt hij best, zolang dat moderne design maar niet ten koste gaat van de betrouwbaarheid. Als hij zijn hengels in de auto gooit om te gaan snoeken, wil hij niet langs een poldersloot stranden.

Volgens mevrouw Geluk werkt de Opel-liefde aanstekelijk. Niet alleen rijdt zij zelf in een Corsa, ook de dochter en schoonzoon van het echtpaar Geluk zijn overtuigde Opel-klanten.

Dit is het zevende deel van een serie over autokosten. De redactie zoekt een rijder van een BMW X5 of een andere, grote SUV. Reacties naar ribbens@nrc.nl