Draaihals

Uit de beukenbomen rond het geheime landgoed Molenbosch (Friesland) duikt opeens een boomschorsgrauwe, spechtachtige vogel op. Eerder zag ik de bijzondere vogel in golvende lijnen tussen de takken vliegen. Daarna nam hij de karakteristieke houding aan op een vogelhuisje: hij draaide zijn kop eerst een kwartslag, naderhand een halve slag om. Dit is de draaihals (Jynx torquilla) die, gelokt door het vroege voorjaar, in de tweede week van maart uit de overwinteringsgebieden van Zuid-Azië en Midden-Afrika in Nederland is aangekomen. De bovenzijde oogt van afstand grijs, van dichtbij bruinachtig gevlekt, net dode bladeren. De onderzijde is rossig en isabelkleurig. Twee tenen zijn voorwaarts gericht, twee achterwaarts. Zo klimt hij omhoog langs de bomen. Hij leeft van boominsekten en fourageert op de grond op jacht naar mieren, daarom heet hij ook mierenjager. De draaihals beitelt zelf geen nesten, zoals de specht. Om aan een nestplaats te komen verjaagt hij andere vogels uit nestkasten en boomholtes. Dan treedt hij heftig op. Bij alarm of onraad maakt hij wonderlijke bewegingen en wervelt met zijn vleugels.

freriks@nrc.nl