Dochter van Mirna Godett gearresteerd

De dochter van de Antilliaanse premier Mirna Louisa-Godett, N.L., is gisteren in Willemstad gearresteerd in verband met mogelijke betrokkenheid bij het oplichten van het Antilliaanse postbedrijf Post NV.

Ook H.K. en zijn echtgenote L. K.-K., de broer en de schoonzus van minister Ben Komproe (Justitie), zijn aangehouden.

Anthony Godett, leider van regeringspartij Frente Obrero Liberashon (FOL), heeft gisteravond zijn partijaanhang opgeroepen om zich vandaag bij het partijgebouw te verzamelen. Dan zal worden besloten hoe aan dit `misbruik' door het openbaar ministerie en Nederland een eind gemaakt kan worden. Godett, die in december zelf tot twaalf maanden celstraf is veroordeeld in een andere zaak die te maken heeft met fraude bij Post NV, zegt dat het de zoveelste keer is ,,dat het openbaar ministerie, gesteund door Nederland, zich schuldig maakt het creëren van apartheid en racisme in de Antilliaanse gemeenschap''. Daar moet een eind aan komen. ,,Er moet gestopt worden met het beïnvloeden van de Antilliaanse politiek'', zo liet hij weten in reactie op de arrestatie van zijn nichtje. ,,N.L. is rechtenstudente en heeft met de fraudezaak niets te maken. Haar naam wordt belasterd.''

In totaal werden zes arrestaties verricht in wat lokaal bekend staat als de Pinnacle-zaak. Onder de gearresteerden is ook oud-minister R.M. van de Partido Nashonal di Pueblo (PNP), die commissaris bij Post NV is.

Het assurantiebedrijf Pinnancle Insurance, waarvan L.K.-K. directeur was, had in 2001 van Post NV een contract gekregen om de verzekeringen van het postbedrijf te verzorgen voor 325.000 Antilliaanse gulden (125.000 euro). In die tijd was haar man H.K. directeur bij Post NV en had hij zelf belangen in het assurantiekantoor. N.L. had in die tijd een baantje bij Post NV en kan mogelijk meer vertellen over de totstandkoming van het contract en de gang van zaken binnen de Raad van Commisarissen.

Het OM gaat vooralsnog uit van oplichting van Post NV voor één miljoen gulden (356.000 euro). Het openbaar ministerie denkt daarnaast dat bij de tot standkoming van het contract valsheid in geschrifte is gepleegd.