Concurrentie op prijs in zorg

Apothekers, huisartsen, tandartsen en fysiotherapeuten moeten gaan concurreren op kwaliteit en prijs. Het is dan aan de zorgverzekeraar om al dan niet een contract met deze hulpverleners af te sluiten. Ook ziekenhuizen kunnen er niet langer automatisch van uitgaan dat ze worden gecontracteerd.

Voor fysiotherapeuten, van wie er ruim voldoende zijn, worden de tarieven al dit jaar vrijgelaten. Voor huisartsen gebeurt dit pas als het tekort is weggewerkt. Verzekerden kunnen elk jaar van verzekeraar wisselen en zo de concurrentie op de hulpverlenersmarkt volgen.

Dit zijn enkele van de ingrijpende veranderingen die minister Hoogervorst (Volksgezondheid) en zijn staatssecretaris Ross aankondigen in een brief aan de Tweede Kamer die vandaag door het kabinet wordt besproken. In de brief schetsen zij de hoofdlijnen van de stelselherziening in de curatieve zorg, de hulp die op genezing is gericht. Voor dit deel van de zorgsector wordt, als het parlement daarmee instemt, per 1 januari 2006 een voor iedereen verplichte basisverzekering ingevoerd. Geleidelijk aan wordt dan ook de huidige strakke en centraal geregelde sturing van de sector vervangen door een `gereguleerde' marktwerking. Volgens Hoogervorst en Ross kan dit in het grootste deel van de sector. Alleen voor zaken als spoedeisende hulp, zeer dure operaties, onderzoek en unieke patentmedicijnen zou dit niet mogelijk zijn, zo schrijven ze. Maar zij waarschuwen wel dat het misschien wel tien jaar duurt voordat alle veranderingen volledig zijn ingevoerd en door betrokkenen zijn verwerkt.

Hoogervorst wil ook een deel van de geestelijke gezondheidszorg onder het regime van de marktwerking brengen. Dit onderdeel wordt nu nog gefinancierd uit de kas van de Algemene wet bijzondere ziektekosten. De minister hevelt onder meer de financiering van de hulp door psychiaters, psychologen en psychotherapeuten in Riaggs, gezondheidscentra en particuliere praktijken over naar de basisverzekering.

Hoogervorst en Ross gaan ervan uit dat de huidige verzekeraars ook in het nieuwe stelsel actief zullen blijven. De meeste verzekeraars omvatten thans een ziekenfonds en een particuliere ziektekostenverzekering. Dit onderscheid verdwijnt in het nieuwe stelsel. De nieuwe verzekeraars mogen ook `winst' gaan maken. Ze worden dan ook risicodragend, meer dan bij ziekenfondsen het geval was. Omdat ze voor de basisverzekering een acceptatieplicht hebben en bij de premievaststelling geen rekening mogen houden met factoren als leeftijd en gezondheidstoestand van verzekerden, krijgen ze voor de `slechte' gevallen compensatie uit een fonds.