Belasting niet geïnd bij lastige groepen

De Belastingdienst heeft sinds 1983 een interne richtlijn gekend om bepaalde groepen bij de belastinginning ongemoeid te laten. Bij dreiging met geweld werden de belastingen na twee jaar als `oninbaar' beschouwd. Staatssecretaris Wijn (Financiën) heeft dat gisteren gezegd in de Tweede Kamer.

De richtlijn – per 1 januari ingetrokken – had betrekking op zeventien probleemgroepen, zoals woonwagenbewoners, motorbendes, schroothandelaren en belwinkels. De Kamer vond het bestaan van de interne richtlijn ,,schokkend'' en noemde deze een ,,bedreiging voor de legitimiteit van het fiscale stelsel''. Alle fracties wilden van Wijn een onderzoek naar de omvang van het probleem en dat hij hier zo snel mogelijk een einde aan maakt.

Enkele weken geleden kwam het onderwerp van de `belastingvrijstaatjes' aan de orde, naar aanleiding van het woonwagenkamp Vinkenslag bij Maastricht. De Belastingdienst had met de bewoners van dit kamp een afspraak dat zij slechts drie procent van de aanslag hoefden te betalen. Volgens Wijn, die een onderzoek beloofde, ging het hier om een uitzondering. Sindsdien zijn echter steeds meer voorbeelden van gebrekkige belastinginning bekend geworden, waaronder de interne richtlijn uit 1983. Kamerlid Dézentjé-Hamming (VVD) noemde een geval waarbij een woonwagenbewoner in het bijzijn van agenten als dreigement een vuurwapen op tafel had gelegd, zonder dat de politie de man daarna inrekende.

Wijn zei als verklaring voor de interne richtlijn dat er ,,een tijdperk [is] geweest met een gedoogbeleid, een zachte aanpak met fluwelen handschoenen. Het kabinet wil een einde maken aan dit tijdperk.'' De Kamer nam een motie aan waarin ze eist dat het kabinet binnen twee maanden een actieplan tegen belastingontduiking presenteert.