Premier wil agent tussen ieders oren

Het debat over de publieke moraal gisteren was een opsteker voor premier Balkenende. Van links tot rechts maken parlementariërs zich zorgen over moreel verval.

Het had eigenlijk het feest van SP-leider Jan Marijnissen moeten worden. Alle fractieleiders in de Tweede Kamer debatteerden gisteren op zijn initiatief een middag lang met premier Balkenende en vier ministers over de publieke moraal en het gebrek aan integriteit in bedrijfsleven, openbaar bestuur en de maatschappij in het algemeen.

Het debat liep uit op een flinke opsteker voor de premier. Twee jaar geleden gold de christen-democraat wegens aanhoudend hameren op normen en waarden nog als meester der tegeltjeswijsheden, om wie in de Kamer soms zelfs schamper werd gelachen. Gisteren trof hij in de Kamer een uiterst serieus gehoor voor zijn stelling dat een Kamerdebat over moraal ,,uiterst nuttig'' is ,,voor de bewustwording'' in de samenleving van het belang van regels en de gevaren van individualisering. ,,De politieman moet ook tussen je oren zitten'', hield de premier de Kamer voor. Niemand protesteerde.

Integendeel: van links tot rechts bleken alle partijen de overtuiging toegedaan dat de publieke moraal inderdaad in de gevarenzone is. En de generatie politici die sinds twee jaar in de Kamer leiding geeft heeft zich voorgenomen die tendens te keren. Gisteren kwam een serie maatregelen ter sprake om toezichthouders te versterken en integriteit te bewaken. Maar dat was niet alles. Marijnissen had het er tevoren met de andere fractieleiders over gehad wat de praktische uitkomst van zo'n debat nou moest zijn, onthulde hij. En alle partijen waren er over eens: debatteren over de publieke moraal, dat moet de Kamer vaker doen. ,,Dit is niet het einde, maar pas het begin'', zo onderbrak Marijnissen enthousiast Balkenende halverwege diens betoog.

Aanleiding voor Marijnissen om het debat aan te vragen was de recente golf schandalen in het bedrijfsleven, die na Enron en Parmalat met Ahold ook Nederland trof, de bouwfraude en de discussie over de salariëring van topambtenaren en topbestuurders. Ook de ophef over de inrichtingskosten van het nieuwe gebouw van uitkeringsinstantie UWV speelde mee. Marijnissen vroeg zich of Nederland `fraudeland' is geworden.

Die karakterisering speelde gisteren geen prominente rol. Balkenende sprak het tegen, minister Brinkhorst (Economische Zaken) noemde Nederland ,,een gewoon landje'', oppositieleider Bos (PvdA) vond de vraag of er nu eigenlijk steeds meer fraude is ,,niet zo interessant'' en D66-leider Dittrich bekende dat hij het fraudedeel van het debat eigenlijk het minst interessant vond. ,,Uitdagender is de vraag hoe wij omgaan met mensen die een gebrek aan gemeenschapszin vertonen en hoe wij kunnen bevorderen dat de samenleving als een gemeenschap kan opereren.''

Zo bleken de termen van publieke moraal en integriteit geschikt om niet alleen de normen-en-waarden-partijen aan te spreken, maar ook de liberalen en links. Balkenende sprak in dit verband van de ,,klankkleur'' die de verschillende partijen ,,vanuit hun maatschappijvisie'' gaven om ,,de erosie van de publieke moraal'' te duiden.

Marijnissen sprak zich uit tegen de kapitalistische en neo-liberale cultuur die de afgelopen jaren is ontstaan. VVD'er Van Aartsen zette met name in op de verhouding tussen overheid en markt en waarschuwde voor een opeenstapeling van toezichthouders, PvdA'er Bos schetste in navolging van de Amerikaanse filosoof Francis Fukuyama Nederland als `high trust society'. Dat wil hij graag zo houden, zodat ,,partners (..) elkaar niet alleen in de rechtszaal tegenkomen, maar ook nog eens ergens anders met elkaar wensen te overleggen''.

De kleine christelijke partijen weten de erosie aan het verdwijnen van God uit het collectieve bewustzijn, de LPF had het over falend leiderschap en het CDA sloot zich onder de titel `Een zwenkend perspectief' aan bij het kabinetsstandpunt.

Dit palet aan `maatschappijvisies' was de kapstok voor een groot aantal conretere onderwerpen die de aantasting van de integriteit en de publieke moraal raken. Het ging over frauderende ambtenaren, belastingvrijstaatjes op woonwagenkampen, zelfverrijking van ondernemers, de inrichting van het hoofdkantoor van UWV en ,,de hufterigheid'' van mensen in de straat.

Maar uiteindelijk was het toch Balkenende die het debat over fraude naar zich toetrok met een herhaald pleidooi over normen en waarden. ,,Mensen maken zich zorgen of we nog wel genoeg rekening met elkaar houden in Nederland. De fraudezaken, de komst van immigranten naar Nederland, het heeft allemaal te maken met de beleving van de waarden van de samenleving'', zei de premier. ,,Als het waardenbesef tekortschiet, ontstaan de problemen.''

Helemaal van harte ontving de Kamer deze lessen niet. Vooral GroenLinks-leider Halsema en PvdA'er Bos protesteerden. ,,Wat hebben moslimsvrouwen te maken met UWV en Ahold?'', vroeg Bos. Halsema verweet de premier ,,met twee maten'' te meten. ,,Mensen die zich na immigratie aanpassen en frauderende topbestuurders, dat is niet hetzelfde''. Maar Balkenende hield voet bij stuk: dat iedereen regels naleeft is de voorwaarde voor de samenhang in de samenleving. Dat vond LPF-fractieleider Herben ook. ,,Er is één noemer voor nieuwkomers, Hells Angels en toplieden: zij staan niet boven de wet.''

Ondanks de overeenstemming over het belang van het onderwerp lagen aan het einde van de dag niet alle gezindten op één lijn. Dat bleek wel toen minister Zalm (Financiën), vice-premier namens de VVD, de conclusie trok dat ,,het neo-liberalisme in praktische zin wel in goede handen is'', gezien de uitbreiding in het afgelopen decennium van onder meer het toezicht en corrigerende wetgeving. Dat was nu juist niet wat SP-leider Marijnissen wilde betogen: hij ziet het neo-liberalisme als de oorzaak van het morele verval. Dan kon de SP-leider het beter vinden met premier Balkenende, die na afloop van het debat zeer in zijn nopjes bleek met de SP. ,,We hebben al eerder gezien dat Marijnissen en ik op dit onderwerp dicht bij elkaar staan. De publieke moraal en normen en waarden moet je niet los van elkaar zien. Dit was een goed debat.''