Politie tussen de oren

Een oude politieke wijsheid zegt dat het onverstandig is om op de helft van de tegenstander te gaan spelen. SP-leider Marijnissen deed dat toch, door te willen debatteren met minister-president Balkenende over het thema `Nederland fraudeland'. Marijnissen verloor gisteren de controle over het onderwerp. Balkenende veranderde het thema naar dat van de integriteit van de publieke moraal en het resultaat was een diffuus debat in de Tweede Kamer. De premier kwam daaruit naar voren als de absolute kampioen op het terrein van het spreken over waarden en normen. Dat was natuurlijk ook het thema waarmee hij tweemaal verkiezingen voerde. Toen nog met slogans als ,,fatsoen moet je doen'' of ,,een echte vent durft papa te zijn''.

De negen aanwezige fracties in de Tweede Kamer kwamen gisteren alle met hun eigen analyses van oorzaken van de door Marijnissen gesignaleerde ,,erosie van de publieke moraal''. Deze liepen uiteen van het verdwijnen van het Godsbesef, volgens SGP-fractievoorzitter Van der Vlies, of het groeien van een ieder-voor-zich mentaliteit in de ogen van Marijnissen, tot de ,,verweesde samenleving'' van LPF-fractievoorzitter Herben. Een meer functionele visie op de oorzaken kwam van VVD-fractievoorzitter Van Aartsen. Hij concludeerde dat complexiteit van regelgeving het troebele klimaat creëert waarin fraude en ,,machtsbederf'' gedijen. Terecht sprak hij zijn bezorgdheid uit over ,,de wirwar van initiatieven, werkplannen, evaluaties, Europese evaluaties, functionele pakketten, nota's, stuurgroepen en stuurgroepen op hoog niveau'' waarmee de minister van Justitie als coördinerend bewindsman bij de bestrijding van ongewenst gedrag wordt geconfronteerd.

Om de wirwar nog groter te maken kwamen de fracties van SP, PvdA en GroenLinks met reeksen nieuwe voorstellen om integriteitsproblemen aan te pakken. Hiermee ontstond het beeld dat een deel van de Kamer bij gebrek aan focus ervoor koos om met hagel te schieten: altijd prijs. De zoektocht van Balkenende naar ,,de gemeenschappelijk gedeelde waarden in dit land'' kreeg zo een illustratie in de hart van de democratie, de Tweede Kamer.

Duidelijk was wel dat de meerderheid van het parlement de zorg deelt van Balkenende over onaanvaardbaar gedrag. Zijn oplossing dat ,,de politieman ook tussen de oren moet zitten'' kreeg echter een minder brede bijval. Zinniger lijkt het om het toezicht te verstrakken, zoals Van Aartsen betoogde. Bijvoorbeeld door bestaande opsporingsinstanties van het openbaar ministerie, de Nederlandse Mededingingsautoriteit en de Autoriteit Financiële Markten.

Een debat over de publieke moraal of over het verval daarvan, is interessant, maar het is de vraag of het in de Tweede Kamer bijzonder productief kan zijn. De Amerikaanse hoogleraar geschiedenis aan de Vrije Universiteit, James Kennedy, betoogde vorige week dat Nederland bevolkt wordt door ex-christenen en ex-marxisten. Dan ligt het risico op de loer dat alle moraalridders er op hun eigen stokpaardjes vandoor gaan. Gisteren resulteerde de Kamervergadering slechts in een toezegging van het kabinet om te komen met een plan van aanpak.