Lekker fietsen in het nationaal geheugen

De plannen zijn gemaakt, het revitaliseren van de Nieuwe Hollandse Waterlinie tot `megasingel' van de Randstad kan beginnen. Een landschap als cultuurhistorisch monument.

Twee ministers vaardigde het kabinet gisteren af om de plannen voor de Nieuwe Hollandse Waterlinie in ogenschouw te nemen. De voormalige militaire hoofdverdedigingslijn wordt de komende twintig jaar voor zevenhonderd miljoen euro aan investeringen nieuw leven ingeblazen.

Beide bewindslieden waarderen het landschap van forten, kazematten en batterijen, vertellen ze in Slot Loevestein in Poederoijen, een van de pronkstukken van de Waterlinie op de grens van Gelderland en Brabant. ,,Ik ben onder de indruk en enthousiast over de plannen', zegt minister Sybilla Dekker (VROM). Ambtgenoot Cees Veerman (LNV): ,,Het is mooi om te zien hoe deze oude linie de bestuurlijke samenwerking structureert. We gaan met vijf departementen, vijf provincies, vijf waterschappen en 25 gemeenten aan het werk.'

`Behoud door ontwikkeling' is het devies waarmee de aangetaste Waterlinie wordt aangepakt. De verdedigingslinie tussen Zuiderzee en de Biesbosch moet een ,,vitaal' cultuurhistorisch monument worden, dat binnenkort in de Nota Ruimte wordt aangewezen als nationaal landschap en ook zal worden voorgedragen voor de Werelderfgoedlijst van de VN-organisatie Unesco. Daarop staat nu wel de Stelling van Amsterdam, een vergelijkbaar stelsel van forten en inundaties.

De voormalige Nieuwe Hollandse Waterlinie is 85 kilometer lang en loopt van Muiden tot de Biesbosch. De linie heeft officieel gefunctioneerd van 1815 tot en met 1963. Ze werd ontworpen door genieofficier Cornelis Krayenhoff. Doel was het westelijk deel van Nederland te verdedigen tegen militaire aanvallen vanuit het oosten. Daartoe konden kilometers brede stroken weilanden onder water worden gezet als de vijand in aantocht was. Ruim een halve meter, zodat wegverkeer én vaartuigen erin zouden vastlopen. De hogere delen werden bewaakt vanuit forten, kazematten en batterijen. ,,De Nieuwe Hollandse Waterlinie is van oudsher gezien als grens tussen het woeste, natte en onbetrouwbare oosten en het rijke, welvarende en vertrouwde westen', zegt Eric Luiten, leider van het Nationaal Project Hollandse Waterlinie.

De projectgroep heeft nu de eerste uitgewerkte plannen voor de in totaal 50.000 hectare grote linie gepresenteerd. Die zijn ambitieus. Hoewel de hoofdverdedigingslijn geen militaire betekenis meer heeft, kan de Waterlinie nog wel degelijk van groot nut zijn, zo staat in het plan Panorama Krayenhoff. ,,Als deel van het `nationale geheugen' draagt de Linie bij aan het historisch besef en de regionale identiteit, als `megasingel door de Deltametropool' [...] is de Linie de rustige en groene tegenhanger van het stedelijke netwerk en als hydrologische machinerie kan de Linie wezenlijk bijdragen aan het gemoderniseerde waterbeheer van de 21ste eeuw.'

Een oude grens krijgt een nieuwe functie. De voormalige waterscheiding tussen het ,,lege oosten' en het ,,volle westen' is herontdekt door planologen en politici. Volgens het plan moeten aan de oostkant van de waterlinie vooral natuur, recreatie en waterberging meer kansen krijgen. Ten westen van de linie zijn mogelijkheden om verder te verstedelijken. Zoals een landschappelijk verantwoorde woonwijk in de Bloemendaler Polder bij Amsterdam, meer landgoederen langs de Vecht en ,,gespreide woonvormen' in het Land van Heusden en Altena. De militaire weermiddelen zelf moeten attracties worden. De forten, met elkaar verknoopt in een netwerk van fiets- en wandelpaden, gaan ook meer concerten, symposia en tentoonstellingen organiseren. Het Muiderslot, Fort Vechten en Slot Loevestein worden uitgeroepen tot ,,nationale pleisterplaatsen'. Zo worden stad en platteland meer met elkaar verbonden, een van de doelstellingen in het ruimtelijke beleid van het kabinet-Balkenende.

Er zijn ook ,,spanningen', aldus de plannenmakers. Zoals bij de bouw van nieuwe woonwijken in Gorinchem, Lingewaal en Culemborg. Daar moet woningbouw samengaan met cultuurhistorie. En zoals in het westelijke deel van de Bommelerwaard, waar voormalige inundatievelden grotendeels zijn volgebouwd met kassen in de periode dat er nog weinig aandacht was voor de Waterlinie. ,,Die inundatievelden zijn niet meer als zodanig herkenbaar. Wat heeft al te strikte bescherming dan voor zin?', vraagt wethouder Rob Hackert van de gemeente Zaltbommel in een nieuwsbrief van het project. Even buiten het dorpje Poederoijen ligt een batterij die misschien wel geheel zou zijn omsingeld door kassen, als het rijk enkele jaren geleden niet de grond eromheen zou hebben aangekocht.

Maar pal naast deze aangekochte gronden zijn onlangs weer nieuwe kassen verrezen. Tot teleurstelling van Mascha van Peijpe, een inwoner van Poederoijen die al jaren strijdt tegen de opmars van de kassen. Over enkele jaren zal de hoeveelheid kassen in de Bommelerwaard bijna zijn verdrievoudigd tot ruim zevenhonderd hectare. Een ,,logische stap' voor een gebied dat zich aan de armoede heeft weten te ontworstelen, zo stellen ambtenaren van de provincie Gelderland, een gebied dat bovendien jaren geleden al door de provincie Gelderland is aangewezen voor kassenbouw. Maar het rivierenlandschap lijdt eronder, zo is pijnlijk zichtbaar vanaf de dijken langs Maas en Waal. Burgemeester M. Peereboom van Zaltbommel, tevens lid van de stuurgroep Nationaal Project Nieuwe Hollandse Waterlinie, ziet echter wel mogelijkheden om kassen en landschap te verzoenen. ,,We gaan de nieuwe kassen beter inpassen', zegt ze.

Gerectificeerd

Waterlinie

In het artikel Lekker fietsen in het nationaal geheugen (11 maart, pagina 3) wordt Eric Luiten genoemd als projectleider van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Dat is niet juist, hij was leider van het ontwerpteam. Projectleider is Arnold van Vuuren.