Bewoners van kamp ook belast

Bewoners van het woonwagenkamp Vinkenslag in Maastricht worden vanaf 1 januari van dit jaar aangeslagen als gewone belastingplichtingen. Sinds 1993 hebben zij veel minder belasting afgedragen dan wettelijk is vastgesteld.

Dat schrijft staatssecretaris Wijn (Belastingen) in antwoord op vragen van het Kamerlid Dezentjé Hamming (VVD). Wijn stelt in de brief dat ook bewoners van andere woonwagencentra niet altijd als normale belastingplichtigen zijn beschouwd. Hij wil dat de belastingdienst hier onmiddellijk een einde aan maakt.

Eerder bevestigde Wijn al berichten dat bewoners van Vinkenslag, het grootste woonwagenpark van Nederland, aanspraak konden maken op een speciaal tarief in de inkomstenbelasting, namelijk drie procent. De normale tarieven lopen op van 33 tot 52 procent. ,,Ik vind dit een buitengewoon onverkwikkelijke gang van zaken'', zei Wijn vorige maand in de Tweede Kamer.

Volgens Wijn bestaat het speciale belastingregime voor Vinkenslag sinds 1993. Hoe de situatie voor 1993 was kon volgens Wijn niet meer worden nagegaan. Deze aanpak komt voort uit het feit dat het de belastingdienst tot dan toe niet goed lukte om belasting te heffen. ,,De afspraken werden gemaakt in de overtuiging dat alleen een stapsgewijze benadering er uiteindelijk toe zou kunnen leiden dat de belastingplichtigen op Vinkenslag aan hun fiscale verplichtingen zouden voldoen.'' De belastingdienst doet nog onderzoek naar de gang van zaken rond Vinkenslag. Mogelijk worden disciplinaire maatregelen genomen tegen ambtenaren, aldus Wijn.

Woordvoerder S. Scheffer van de kampers, eigenaar van een autobedrijf op Vinkenslag, zegt dat de bewoners nu ,,gewoon belasting gaan betalen''. ,,We hebben in de loop van de jaren steeds meer betaald. De speciale afspraak was er omdat wij ook niets konden aftrekken.''