Aanslagen op treinen in Madrid, zeker 173 doden

Bij aanslagen op drie treinen vanochtend in de Spaanse hoofdstad Madrid zijn zeker 173 doden gevallen. Naar schatting zevenhonderd mensen raakten gewond. De regering heeft de Baskische terreurbeweging ETA ervan beschuldigd achter de aanslagen te zitten. Gevreesd wordt dat het aantal slachtoffers nog zal oplopen.

De aanslagen werden gepleegd op een drietal forensentreinen die vanochtend tussen half acht en acht uur de Spaanse hoofdstad binnenreden. Het zwaarst getroffen werd een pasagierstrein bij het Madrileense Atocha-station, een van de grootste vervoersknooppunten van de stad.

Rond half acht werd de binnenrijdende trein door twee explosies getroffen. Twee wagons werden volkomen vernield. De overige slachtoffers vielen in kleinere stations van hetzelfde netwerk van forensentreinen.

Als gevolg van de aanslag verkeerde de binnenstad van Madrid gedurende de ochtend in een chaos. De ziekenhuizen raakten overstroomd met gewonden. Een speciaal veldhospitaal bij het Atocha-station ving de zwaarst gewonde slachtoffers op.

De campagne voor de landelijke verkiezingen van komende zondag werd vanochtend kort na de aanslagen afgelast. De regering richtte een speciaal crisiscomité op om de hulpacties te coördineren. Er zijn drie dagen van officiële rouw afgekondigd.

Hoewel de verantwoordelijkheid nog niet werd opgeëist, werden de aanslagen vanochtend vrij algemeen toegeschreven aan de Baskische terreurgroep ETA. De regeringswoordvoerder Eduardo Zaplana noemde de aanslagen ,,een massamoord en een aanval op de Spaanse democratie''. Hij noemde de ETA een ,,criminele bende moordenaars''. Ook de Spaanse oppositieleider José Luis Rodríguez Zapatero zei dat de ETA verantwoordelijk was voor het bloedbad.

Woordvoerder Arnaldo Otegi van de aan de ETA gerelateerde partij Batasuna verklaarde evenwel voor de Baskische televisie dat de aanslag niet het werk van de afscheidingsbeweging is en schreef het bloedbad toe aan een islamitische terreurbeweging. Otegi veroordeelde de aanslagen.

Spanje ,,sluit niets uit'' bij het onderzoek naar degenen die achter de aanslagen in Madrid zitten. Dat zei minister Angel Acebes van Binnenlandse Zaken, die in een eerste reactie de beschuldigende vinger direct op de Baskische afscheidingsbeweging ETA had gericht. De Spaanse regering is kort na de aanslagen in crisisberaad bijeengekomen. Premier Ibarratxe van de Baskische regio veroordeelde de aanslag. Hij noemde de afscheidingsbeweging ,,ongedierte'' dat zich schuldig maakt aan ,,nazi-wreedheden''.

Volgens de eerste berichten zaten de explosieven waarmee de aanslagen werden gepleegd in rugzakken. Op het Atocha-station werd nog een aantal van deze zakken aangetroffen die niet waren geëxplodeerd. Deze bommen werd later in de ochtend op het station tot ontploffing gebracht.

De Baskische terreurbeweging ETA wordt verantwoordelijk gehouden voor zeker 800 doden sinds 1968. De bloedigste aanslagen hadden plaats in 1978 toen 68 mensen werden gedood bij verschillende aanslagen, 1979 (76 doden) en 1980 (91 doden). De laatste grote aanslag in Spanje was in 1987, toen 21 mensen omkwamen bij een aanslag op een supermarkt in Barcelona.

De afgelopen jaren pleegde de terreurbeweging met name in de zomermaanden in drukke toeristengebieden aanslagen als onderdeel van haar campagne om de Spaanse economie schade toe te brengen. Vorige jaar vielen bij een aanslag in Alicante en Benidorm 14 gewonden.

Vorig jaar werden 179 vermeende ETA-leden opgepakt, van wie de meesten in Spanje en Frankrijk. In december, na de arrestatie van Gorka Palacios, de commandant van het militaire apparaat van de ETA, zei de minister van Binnenlandse Zaken dat de leiding van de terreurbeweging ,,grotendeels was ontmanteld''.

Reportage pagina 5