Tenet wist van niets

George Tenet, directeur van de Amerikaanse inlichtingendienst CIA, heeft gisteren tijdens een hoorzitting van een speciale Senaatscommissie toegegeven dat inlichtingen met betrekking tot de vermeende aankoop door Irak van uranium uit Afrika ,,zeer onsamenhangend'', zijn geweest.

Ook erkende hij dat hij pas vorige week op de hoogte is gebracht van het feit dat een speciale inlichtingendienst van het Amerikaanse ministerie van Defensie, die een jaar voor de aanval in Irak in het geheim was opgezet, rechtstreeks verslag heeft uitgebracht aan vice-president Dick Cheney en de Nationale Veiligheidsraad.

Vooral die laatste bekentenis is opmerkelijk omdat Tenet daarmee toegeeft dat zijn organisatie niet de enige inlichtingenbron is geweest op grond waarvan president Bush zijn afweging heeft gemaakt om Irak de oorlog te verklaren.

Tenet, die gisteren voor de Armed Services Committee van de Senaat verscheen, werd gisteren uitgesproken hard aangepakt door de Democratische leden van de commissie. Met name de belangrijkste Democraat in het panel, senator Carl Levin, maakte een belangrijk punt van het feit dat Tenet niet op de hoogte bleek te zijn geweest van de invloed van het Bureau voor speciale plannen van het Amerikaanse ministerie van Defensie dat in het geheim en naast de CIA de vice-president informatie aanreikte die een aanval op Irak zou kunnen rechtvaardigen. Die speciale inlichtingendienst staat onder leiding van Douglas Feith, die een van de belangrijkste voorstanders was van een oorlog in Irak.

Op de vraag van Levin of het Bureau voor speciale plannen meer invloed had op het Witte Huis dan zijn eigen organisatie, antwoordde Tenet droog: ,,Ik ben de belangrijkste inlichtingenfunctionaris van de president. Vanuit mijn positie is het mijn mening die telt.''

De Republikeinse commissieleden waren veel milder en onderstreepten dat de mening van Tenet aangaande Irak was gebaseerd op ,,jaren van onweerlegbare feiten''. Ook minister van Buitenlandse Zaken Colin Powell vroeg de dag voor de hoorzitting om een positieve benadering van de kwestie. ,,We zouden geen politiek debat moeten voeren over zaken zoals deze.'' Hij noemde dat ,,ongepast'' in het huidige verkiezingsjaar.