Kromliggen?

Over het artikel van Stijn Hustinx `Kromliggen voor Schuyt & Co? Mooi niet' (NRC Handelsblad, 3 maart) kan ik kort zijn: die jongen heeft gelijk. Helaas denken blijkens brieven op deze pagina (Opinie & Debat, 6 maart) niet al mijn leeftijdgenoten daar zo over. Daarom enig weerwerk vanuit het cohort 1945.

Wij als vroege babyboomers met een goede opleiding zijn zéér bevoorrecht vergeleken bij de generatie van Stijn Hustinx. Wij hebben nog fatsoenlijk middelbaar onderwijs gehad, nog gratis ook, en nog niet al te gemassificeerd hoger onderwijs, bijna gratis en met een veel genereuzer studiefinanciering dan tegenwoordig. Het vinden van een aardige baan ging nog goed en ook de huizen deden spotprijzen vergeleken met nu. Kortom, mijn generatie is véél beter af dan de jongelui van tegenwoordig. Om dan over twee jaar als gezonde jonge kerel van 61 met een redelijk werkend brein al op non-actief te gaan, dat is misschien een beetje overdreven. ,,Mensen die nu op hun 75-ste nog waterskiën, kunnen ook nog werken'', aldus Hustinx.

Zo is het maar net. Voor de goede orde: ook in de cohorten 1945 - 1956 zitten heel wat mensen met een bescheiden inkomen, harde fysieke arbeid en weinig opleiding. Ik neem aan dat Hustinx deze babyboomers in zijn stuk niet op het oog had.

Hustinx heeft kortom gelijk, maar van vele van mijn hoogopgeleide leeftijdgenoten krijgt hij dat niet. Maar ernstiger is dat hij geen gelijk krijgt van de werkgevers. De overheid als ontvanger van belastingen en premies vindt dat de mensen in elk geval tot 65-ste moeten doorwerken, maar de overheid als werkgever wil de mensen gráág op hun 57-ste lozen.

Een praktijkvoorbeeld. Een collega van een andere onderwijsinstelling, zeer gewaardeerd en flexibel, nagenoeg alzijdig inzetbaar kan volgend jaar met haar 61-ste op gunstige condities met FPU (een soort prepensioen). Nog een paar jaartjes doorwerken is met haar wel bespreekbaar, maar dat moet wel wat opleveren natuurlijk. Welnu, het netto FPU ligt precies 100 euro lager dan het nettosalaris. Conclusie: werken is in Nederland veel te duur en wordt daarom ontmoedigd.

Het wordt nog gekker: zou deze collega een arbeidstijdreductie aanvaarden in het kader van de zogenoemde BAPO-regeling, dan zou ze drie euro per maand minder ontvangen dan wanneer ze van het FPU gebruikmaakt. Dus voor de eer om nog wat door te mogen werken betaalt ze 36 euro per jaar. En nu even raden waar de afkorting BAPO voor staat: ja. juist: Bevordering Arbeids Participatie Ouderen! Wie is hier nu gek?

Kortom, het hele systeem waardoor werken duur wordt gemaakt en nietsdoen voordelig, moet eens grondig tegen het licht gehouden worden. Misschien dat daarmee de financiële gevolgen van de vergrijzing wat te reduceren en wat eerlijker te verdelen zijn.