`Van der Veer wist ook van problemen'

De nieuwe topman van de Koninklijke/Shell Groep, Jeroen van der Veer, en financieel directeur Judy Boynton lijken in 2002 al te hebben geweten dat de olie- en gasreserves te hoog werden ingeschat.

Dit blijkt uit een intern memorandum – ondertekend door de vorige week afgetreden productiechef Walter van de Vijver – dat de Amerikaanse krant The New York Times vandaag gedeeltelijk heeft gepubliceerd op zijn website. In de interne memo wordt gewaarschuwd dat Shell in 2002 en 2003 een probleem zal hebben de bewezen reserves op peil te houden. Pas in januari 2004 maakte Shell openbaar dat deze reserves veel minder groot zijn dan eerder was geschat.

Het memorandum uit juli 2002 dat de Amerikaanse krant in handen heeft, is gericht aan de gehele CMD, Shell's Committee of Managing Directors (de raad van bestuur) en aan Judy Boynton, de financieel directeur die medio 2003 deel ging uitmaken van de CMD. De CMD bestaat uit de bestuurders van Shells moedermaatschappijen, het Nederlandse Koninklijke Olie en het Britse Shell Transport. Van der Veer was in juli 2002 president van Koninklijke Olie en vice-voorzitter van de CMD. Ook de vorige week afgetreden topman Sir Philip Watts en en Van de Vijver waren destijds lid van de CMD.

Shell wilde vanmorgen niet reageren op het bericht en herhaalde dat het de uitkomsten afwacht van een onderzoek dat het heeft ingesteld naar de afwaardering van de reserves. De uitkomst van dit onderzoek wordt binnen enkele weken of maanden verwacht.

Gisteren al meldde de zakenkrant The Wall Street Journal dat Van de Vijver en Watts twee jaar geleden gewaarschuwd waren dat een deel van de `bewezen' olie- en gasreserves niet voldeden aan de strikte regels van de Amerikaanse beursautoriteit SEC. Op 9 januari maakte het Nederlands-Britse concern bekend dat de `bewezen' reserves met 20 procent werden teruggebracht – het equivalent van 3,9 miljard vaten olie – omdat deze niet voldeden aan de SEC-criteria.

De documenten van de New York Times stellen al in 2002 dat technische en commerciële beperkingen voor een tekort kunnen zorgen van 2 tot 3 miljard vaten aan bewezen reserves omdat zij niet meer aan de SEC-regels voldoen. De memoranda stellen dat Shell-bestuurders naar buiten toe de belangrijkheid van de reserves moeten minimaliseren en geven daarvoor tips in een investor relations script.

Het document op de website is ondertekend door Van de Vijver. Begin februari dit jaar zei Van de Vijver in een gesprek met deze krant dat hij pas eind 2003 wist hoe groot de problemen waren en hoe hij daarvan schrok. ,,Toen de eerste resultaten binnen kwamen, dacht ik: Oh shit!''

De Amerikaanse beursautoriteit SEC is inmiddels een onderzoek begonnen. In Nederland heeft de effectenbeurs Euronext Shell schriftelijk vragen gesteld. De Nederlandse beursautoriteit AFM wil niet zeggen of het Shell onderzoekt.

Op de ochtend van 9 januari bleek dat beleggers grote waarde hechten aan de reserves. Nadat Shell bekend had gemaakt dat het de `bewezen' olie- en gasreserves moest aanpassen, kelderde de beurswaarde van Shell binnen een paar uur met 10 miljard euro.