Huis waakt over oudere bewoner

Ouderen blijven langer in hun eigen huis wonen. En vaker onder het toeziend oog van elektronische bewakings- apparatuur: van valdetectors en rookverklikkers tot volledige bewegingsvolgsystemen.

Zeventig plus? Een kwakkelende gezondheid? Krakkemikkige benen? Het garandeert allang geen plekje meer in het verzorgingstehuis. Steeds meer ouderen modderen thuis met hun gebreken: omdat er niets anders opzit en vaak ook met de overtuiging dat ze thuis langer gelukkig zijn. De angst voor valpartijen, inbrekers en vergeten fluitketels hoeft dat geluk niet meer te drukken, want zelfstandige senioren worden ingesponnen in een netwerk van elektronische bewaking. Sensoren volgen hun bewegingen, valdetectors signaleren iedere struikelpartij, rookmelders houden het fornuis in de gaten. Gaat er iets mis, dan grijpt de meldkamer in. Langs elektronische weg wordt het fornuis uitgezet, de verlichting ontstoken en met één muisklik van de centralist de voordeur geopend voor naderende hulp. Zo is alleen nooit meer echt alleen.

In het jargon van de personenbewaking zijn we inmiddels toe aan de vierde generatie systemen. In de jaren zeventig begon het met simpele alarmknoppen, meegedragen aan een koordje om de hals. Wie na een valpartij de knop indrukt, activeert radiografisch een kastje aan de muur dat hulp inroept. Ruim 100.000 ouderen putten nog altijd een gevoel van veiligheid uit die simpele alarmknop. De kosten: tussen 4 en 30 euro per maand (afhankelijk van de verzekering) voor het huren van de apparatuur en het abonnement op de meldkamer.

Afdoende is de knop lang niet altijd. Om erop te kunnen drukken moet je wel bij kennis zijn, en niet uitgegleden onder de douche, de alarmknop veilig op het hangertje. Veel ouderen zien de knop om hun hals bovendien vaak als een stigma en laten het apparaatje op het nachtkastje liggen.

Er zijn meer zorgen dan een valpartij. Met de ouderdom komt ook de vergeetachtigheid en daarmee de angst voor droogkokende pannen en niet afgesloten ramen en deuren. En dan is er nog de afnemende weerbaarheid met de angst voor inbrekers.

Stap voor stap breidt de techniek voor personenalarmering zich daarom uit tot volwaardige bewakingsystemen voor ouderen. Met een huis vol alarm-, rook-, koolmonoxide-, vocht-, geluids-, bewegings-, val- en inbraakmelders, en met voldoende intelligentie om zelfstandig tot actie over te gaan, zonder een alarmsignaal van de bewoner af te wachten.

Bij de deur en naast het bed zit een schakelaar om het systeem om te schakelen naar afwezigheid- of nachtstand, waarna de bewegingssensoren automatisch overschakelen van activiteitsmeting naar inbraakbeveiliging. Moet er 's nachts geplast worden, dan schakelt de bewegingssensor in de slaapkamer het huis tijdelijk terug naar activiteitsmeting. Automatisch wordt de zogenoemde nachtrouteoriëntatie of plasrouteverlichting ingeschakeld.

In Nederland zijn inmiddels twintig nieuwbouwprojecten voor ouderen uitgerust met dit geavanceerde bewakingssysteem, dat geleverd wordt door verschillende fabrikanten. Zo'n achthonderd woningen. Honderd andere projecten zijn in ontwikkeling en een kleine 70 procent van de woningbouwverenigingen denkt erover het voorbeeld te volgen. In de woningen worden leidingen in de muur gefreesd om de sensoren aan te sluiten. In de meterkast komt een computer. De kosten (zo'n 7.500 euro) worden hoofdzakelijk door de woningbouwverenigingen gedragen.

Alle sensoren en subtiele logica zorgen wel steeds vaker voor vals alarm. Om die valse meldingen het hoofd te bieden kan de meldkamer meestal een geluidsverbinding opbouwen met de woning en vragen wat er aan de hand is. Voor de verstaanbaarheid worden tv en stereo automatisch tot zwijgen gebracht.

Maar vals alarm is ook heel vervelend voor de bewoners zelf, voor wie de verwarring soms aanleiding is om de bewaking maar uit te schakelen. Vooral 75-plussers hebben moeite met de techniek – en dat is nu juist de groep die er ook de meeste baat bij kan hebben. Ze vergeten het systeem 's avonds in de nachtstand te zetten. Als dan na vier uur zonder beweging de alarmtoestand ingaat, alle lichten aanknippen en de stem van de centralist door de woning klinkt, breekt gemakkelijk paniek uit.

Nog een probleem: veel ouderen willen helemaal niet verhuizen naar een speciale woning. Liever blijven ze in hun eigen huis, te midden van hun eigen zorgzame buren. Inbouw van het complexe bewakingssysteem in een bestaande woning is een hele toer.

Om de problemen het hoofd te bieden ontwikkelde TNO een prototype van een betrouwbaar, eenvoudig en flexibel systeem. De rookmelders en bewegingssensoren van dit UAS-systeem prik je eenvoudig in het stopcontact: ze communiceren via het lichtnet. Bewoners hebben bovendien een betere controle. Gaat er iets mis, dan belt het TNO-systeem eerst de bewoner op om dat te controleren. Via diens eigen en dus vertrouwde draadloze (dect-)telefoon. Een kunstmatige vrouwenstem vraagt of het klopt dat er in de keuken iets staat aan te branden. Of informeert of alles in orde is omdat er iemand in de hal al twee minuten niet meer beweegt. Neemt de bewoner de telefoon op, dan kan die het alarm met een enkele toetsaanslag neutraliseren. Blijft een adequate reactie uit, dan belt het systeem binnen een minuut de meldkamer, de brandweer, de wijkverpleging of een familielid, al naar gelang de aard van het probleem. Om de situatie te beoordelen kunnen alle hulpverleners en mantelzorgers via internet en op hun mobiele telefoon beelden oproepen van webcamera's die in het huis hangen.

Hoe ver moet en kan elektronische seniorenbewaking gaan? TNO onderzocht het afgelopen jaar uitgebreid in twee woningen in Sittard. Daarbij zaten onderzoekers soms uren in de stofzuigerkast om, vanuit hun laptop, rook- en inbraakmeldingen het systeem in te sturen, om te zien hoe systeem en bewoners reageerden. Bewoners bleken nauwelijks last te hebben van een Big Brother-gevoel. Zolang er maar geen camera's in slaap- en badkamer hingen tenminste. Wel vroegen ze zich af of het allemaal niet wat overdreven was: zo'n systeem dat overal in huis je bewegingen volgt. De sociale omgeving was een stuk positiever. Familieleden vertelden dat ze er een stuk rustiger door sliepen.