Het beeld

De Engelse komedieserie The Office, gisteravond begonnen op Canvas en vanaf april bij de NPS, is een van de merkwaardigste internationale televisiesuccessen. Het vreemdste is misschien wel dat ook Amerikanen er om moeten lachen, eerder dit jaar twee Golden Globes aan The Office toekenden en een Amerikaanse remake voorbereiden, terwijl ze een groot deel van de tekst kunnen verstaan noch begrijpen. Op internet stellen ze voor de hand liggende vragen: wie zijn Gazza en Posh? Vermoedelijk voetballer Paul Gascoigne en voetballersvrouw Victoria Beckham.

In Nederland kan een vergelijking met Debiteuren Crediteuren van Jiskefet niet uitblijven, zelfs al is de toon heel anders. The Office gaat ook over kantoorhumor, over de onverdraaglijke zelfingenomenheid van grapjassen op het werk, die zichzelf hele pieten vinden. Maar in The Office moeten de mannetjes niet om zichzelf lachen en is de presentatie dodelijk serieus. Een lachorgel om het publiek op gang te brengen ontbreekt. De vorm is die van een quasi-documentaire, waarin de hoofdpersonen soms recht in de camera vertellen hoe het eraan toegaat op het filiaal in Slough van de papierhandel Wernham Hogg.

Het begon met een radiopersonage van komiek Ricky Gervais, dat aanvankelijk alleen `seedy boss' (ranzige baas) heette. Gervais, samen met Stephen Merchant regisseur en schrijver van The Office, speelt nu filiaalchef David Brent, die zichzelf een ideale baas vindt: een inspiratie voor zijn personeel, een Don Juan, een gangmaker en een onverzadigbaar drinker. In werkelijkheid lijdt iedereen onder zijn misplaatste jovialiteit en terroristische neiging tot practical jokes.

Brents grootste vijand is de regiomanager, een vrouw met een dubbele naam (`Camilla Parker Bowles, zeg ik altijd maar'), die in de eerste aflevering aankondigt dat de raad van bestuur geen noodzaak meer ziet tot filialen in Slough én Swindon. Een van beide kantoren moet sluiten, en er zullen gedwongen ontslagen vallen. David Brent begint vast voor de grap een secretaresse van diefstal van Post-its te beschuldigen.

Juist omdat het allemaal zo ernstig en documentair gefilmd is, met snelle camerazwenkingen als in een Dogma95-speelfilm, wordt de humor verontrustend. Toch is me na een aflevering nog niet helemaal duidelijk hoe The Office zo verschrikkelijk populair kon worden. Gervais als Brent is een personage aan wie je je graag ergert, maar de kantoorbelevenissen zijn ook wel een beetje saai, zelfs binnen de beperkte duur van 25 minuten. Er bestaan overigens maar twee series van zes delen en een kerstspecial; Gervais is vastbesloten dat er nooit een derde serie zal volgen.

Misschien is juist de onbegrijpelijkheid van sommige rituelen en verwijzingen voor niet-Engelsen extra aantrekkelijk. Wat betekent die gele aap aan de kapstok, waar David trots zwijgend naar wijst? Die schijnt bekend te zijn van een Britse reclamespot, die in het buitenland niemand kent. En dan wordt het nadoen van de televisie – op elk kantoor ter wereld een manier om getapt te worden – ineens een interessante absurditeit.