Warwick

Dionne Warwick, of hoe roem verdampt.

De American Book Center in Amsterdam adverteerde al geruime tijd met haar komst naar Nederland. In een dependance in de Voetboogstraat zou de zangeres haar pas uitgekomen autobiografie My Point of View signeren.

Zaterdag was het zover. Er lag een rood lopertje met een goudkleurig dranghek voor het huisje, maar de enige rij wachtenden stond even verderop, bij het cafetaria met Vlaamse friet. Ook `de media' waren nauwelijks te bekennen, zelfs de Amsterdamse televisiezender liet het afweten.

In een zaal boven de signeerruimte stond Warwick eerst een uurtje haar 85 trouwste fans, veelal in Amsterdam woonachige Amerikanen, te woord. Ze bleek een vriendelijke, magere dame van inmiddels 62 jaar, gekleed in een donkere broek en een bont truitje. Sterallures leken haar vreemd, ze kon ook een manager zijn die uit Amerika was overgekomen voor wat peptalk voor de werknemers.

Vroeger stond ze bekend om haar lange, glinsterende japonnen en steeds wisselende kapsels. Het was altijd een wat aangeleerde glamour, de glamour van een artieste die niet echt sexy was, maar het door haar pr-mensen gemaakt werd.

Een mooie carrière, dat wel. Het zwaartepunt ligt alweer veertig jaar geleden toen ze door de fameuze songwriters Burt Bacharach en Hal David ontdekt werd. Ze groeide uit tot een van de beroemdste zwarte zangeressen van de jaren zestig met grote hits als Walk on By, Anyone Who Had a Heart, Don't Make Me Over, Do You Know the Way to San Jose?, I'll Never Fall in Love Again en Alfie.

Goede, degelijke popmuziek, die mij overigens zelden in vervoering kon brengen, daar had ik Dusty Springfield en Aretha Franklin voor. Warwick was braafjes, meer muziek voor Willem Duys.

Vanaf de jaren zeventig kreeg ze het moeilijk, al bleef ze af en toe een hit maken die haar instortende beroemdheid weer wat kon opvijzelen: in 1985 nog met That's What Friends Are For. Jongere generaties kennen haar naam nog, al was het maar als `tante van Whitney Houston'.

Dat moet een vreemd, en niet altijd aangenaam, artiestenleven zijn geweest: steeds in de schaduw staan van de successen die je als twintiger hebt gehad. Bij elk optreden wat ze nog steeds doet de onvermijdelijke verzoeken om de versleten hits die je tot walgens toe hebt moeten zingen.

Haar autobiografie blijkt weinig voor te stellen: een feelgood familiealbum met veel foto's van de kleinkinderen. Daar waren enkele dramatische hoofdstukken mogelijk geweest, want zoals zoveel zangeressen (Doris Day, Ella Fitzgerald, Dusty Springfield) schijnt Warwick een onrustig liefdesleven achter de rug te hebben. Met drummer Bill Elliott trouwde ze zelfs twee keer voor ze voorgoed van hem scheidde.

Ze woont nu in Bahia (Brazilië), vertelde ze, waar ze zich zeer thuisvoelt. ,,Daar zijn destijds slaven binnengevoerd, iedereen ziet eruit als ik.'' Het respect voor het zwarte volksdeel in Amerika liet nog veel te wensen over, vond ze.

Daarna ging ze signeren, voor diezelfde 85 aanwezigen. Ze zette er een bril met een goudkleurig montuur bij op, zodat ze steeds meer op een lieve oma begon te lijken.