Vijfkamptalent moet `de kunstjes' nog leren

De moderne vijfkamp is in Nederland een sport in de marge. Misschien kan de talentvolle Kelvin Hilgeholt daar verandering in brengen.

Dat dit weekeinde slechts drie mannen deelnamen aan de NK moderne vijfkamp zegt veel over de bescheiden status van deze olympische sport in Nederland. Dat kampioen Chris Scherpenzeel al 37 jaar is en nummer drie Ronald Postma zelfs 52, spreekt ook boekdelen. Neerlands hoop in bange dagen is de 19-jarige Kelvin Hilgeholt, die pas een half jaar `serieus' bezig is met de moderne vijfkamp en droomt van deelname aan de Olympische Spelen van 2008.

,,Hij gaat het maken volgend jaar. Hij wordt mijn opvolger'', lachte een opgeluchte Scherpenzeel zaterdag na het slotnummer van de NK: de tweehonderd meter zwemmen. Doordat hij eerder op de dag had getoond beter overweg te kunnen met het luchtdrukpistool en de degen, had Scherpenzeel – ,,ik ben geen natuurlijke zwemmer, want ik ben te stug in de schouders'' – een marge van ruim een halve minuut opgebouwd. Dat bleek voldoende voor de KMA-kapitein, die aantikte in een tijd van 2.41.66, terwijl Hilgeholt 2.18 klokte.

Moeiteloos somde Hilgeholt de redenen voor het mislopen van zijn eerste nationale titel op. ,,Ik heb het paardrijden verziekt. Ik had drie weigeringen'', zei de inwoner van het Brabantse Son en Breugel over zijn moeizame start bij deze NK op het springparcours in Schijndel, waar de deelnemers vrijdag op een `vreemd' paard over twaalf hindernissen moesten springen. ,,Maar ik rijd ook pas een half jaar paard'', relativeerde Hilgeholt terstond.

Zijn gebrek aan ervaring op de technische onderdelen van de moderne vijfkamp wreekte zich ook bij het pistoolschieten en het schermen. In de Wethouder Balver Sportzaal in Ermelo kwam Hilgeholt zaterdagochtend met het luchtdrukpistool niet verder dan 158 punten, terwijl Scherpenzeel 176 punten scoorde. Het maximum aantal punten op dit onderdeel is tweehonderd.

Ook met de degen overtrof Scherpenzeel (36 zeges) de beginnende vijfkamper. Van de 44 korte partijen – deelnemers van verschillende categorieën (vrouwen, masters (40-plus) en oudere junioren) schermden tweemaal tegen elkaar – wist Hilgeholt er 29 te winnen. ,,Met schermen ben ik net een diesel. Ik kom langzaam op gang en verloor daardoor in het begin teveel partijen. Chris heeft veel meer ervaring. Schermen is fysiek schaken en is het moeilijkste onderdeel van de vijfkamp. Het kost jaren dat onder de knie te krijgen'', besefte Hilgeholt, afgestudeerd als sportleider aan het CIOS.

Pierre de Coubertin, grondlegger van de moderne Olympische Spelen, was de drijvende kracht achter het ontstaan van de moderne vijfkamp, die sinds 1912 op het programma van de Zomerspelen staat. Naar het voorbeeld van de Griekse pentatlon in de klassieke oudheid wilde De Coubertin een sport creëren waarin veelzijdigheid het won van specialisering. De moderne vijfkamp omvat de onderdelen pistoolschieten, paardrijden, schermen, zwemmen en hardlopen. Tot de Spelen van 1948 was de moderne vijfkamp een olympische sport. Daarna kreeg de sport een eigen bond en werden jaarlijks WK's gehouden. Nederland heeft een bescheiden traditie in deze sport. De Sportbond Moderne Vijfkamp telt circa tweehonderd leden. Op de Spelen van 1972 deden voor het laatst Nederlanders mee.

Pas een jaar geleden maakte Kelvin Hilgeholt tijdens een stage op de kazerne van Stroe kennis met de moderne vijfkamp. Sportinstructeur Jan Maas, tevens bondscoach van de vijfkampers, wist al dat Hilgeholt een uitstekend zwemmer was, hoewel niet goed genoeg voor de Nederlandse top. ,,Kelvin moet het voor Nederland worden. Hij is onze hoop. Dat hij ook goed kan hardlopen, is mooi meegenomen. Lopen en zwemmen vormen de basis voor een goede vijfkamper. Schieten en paardrijden is een kwestie van een kunstje leren. Schermen is moeilijker.''

Volgens Maas heeft Hilgeholt, na een half jaar `verkennen', definitief voor de vijfkamp gekozen en is hij pas na de zomer `serieus' aan het trainen op de technische onderdelen. Paardrijlessen neemt Hilgeholt op de manege in Schijndel, waar hij stage loopt. En hij krijgt privé-lessen van een Poolse schermleraar. ,,Kelvin heeft veel progressie geboekt in een jaar tijd. Met paardrijden was hij een leek, schieten gaat ook beter. Winst op deze NK komt voor Kelvin nog te vroeg. Volgend jaar is er een wisseling van de wacht'', voorspelde Maas voorafgaand aan het afsluitende zwemnummer.

Deelname aan de Spelen van 2008 in Peking acht Maas niet onmogelijk. ,,Dat kan Kelvin halen, maar hij moet nog veel ervaring opdoen bij internationale wedstrijden. Vooral bij het schermen. Ons eerste doel is een finaleplaats bij een EK of WK.'' Hilgeholt zelf bevestigt dat hij nog ver verwijderd is van de top, zoals vorige week bleek op een internationaal toernooi. ,,Dan word je weer even op je plaats gezet. Ik eindigde als één na laatste.''

Toch droomt hij over Peking. ,,Toen ik als 16-jarige in het water lag, droomde ik al van olympisch goud.'' Nu die droom bij het zwemmen een utopie is gebleken, beproeft Hilgeholt zijn kansen als vijfkamper. Op het onderdeel zwemmen is hij van nature sterk; de toppers zijn ruim tien seconden sneller. Maar de veldloop – hij liep dit weekeinde de drie kilometer in een tijd van 10.10 (zijn persoonlijk record is 9.53) – moet volgens hem nog een minuut sneller.

Om de kloof met de wereldtop te overbruggen wacht Hilgeholt nog heel wat trainingsarbeid, zeker op de technische nummers. ,,Ik steek er veel energie in en train 26 uur per week. Ik moet gigantisch aan de bak om mijn achterstand in te halen. Ik moet meer een allrounder worden, want de wereldtop is op alle onderdelen sterk. Ik ga er alles aan doen om mijn droom waar te maken. De ambitie is er. Of ik de potentie heb, weet ik pas over een jaar. Een sporter moet blijven dromen. Dat houdt hem gaande.''