Uitlatingen Donner in strijd met brief

Openlijke kritiek van twee gevangenisdirecteuren op het detentiebeleid van minister Donner (Justitie) is de enige reden voor het gedwongen vertrek uit hun functie.

Dit blijkt uit een vertrouwelijke brief waarin het ontslag wordt gemotiveerd. Donner zei vanochtend dat het vertrek van J. van Huet (directeur van de Penitentiaire Inrichting Noord-Holland-Noord) en zijn collega C. Boeij (Bijlmerbajes) het gevolg is van hun weigering het nieuwe, strengere detentiebeleid uit te voeren. ,,Zeker bij leidinggevenden moet de ingezette koers, nadat erover gepraat is, ook doorgezet worden. Als je vindt dat dat niet kan, dan moet je wat anders gaan doen'', aldus Donner op het Radio 1 Journaal.

De beëindiging van het dienstverband van de twee directeuren, dat dit weekeinde via Trouw bekend werd, is echter uitsluitend een gevolg van hun openlijke kritiek op het beleid, zo blijkt uit de letterlijke tekst van de brief waarin Van Huet op 19 december 2003 zijn ontslag kreeg aangezegd.

Hierin verwijst hoofddirecteur P. Jägers van de Dienst Justitiële Inrichtingen direct naar een receptie op 11 december, waarop Van Huet kritiek uitte op het beleid. ,,Van SG tot linnenmeisje, iedereen bij justitie is de weg kwijt'', zo zou Van Huet hebben gezegd. Volgens Jägers was dit ,,onnodig badinerend en zelfs kwetsend''. ,,Al bij al ben ik van oordeel dat uw uitlatingen u in uw positie niet passen'', aldus de brief, waarin het ,,einde van uw dienstverband'' wordt aangekondigd.

In reactie op het bericht in Trouw gaf het ministerie afgelopen weekeinde een bericht uit waarin expliciet wordt tegengesproken dat de gevangenisdirecteuren wegens hun openlijke kritiek moeten vertrekken. ,,Het vertrek [van de twee directeuren] heeft andere achtergronden'', aldus de persverklaring.

Volgens J. Hut van de vakbond CMHF bewijst dit alles dat Donner ,,kennelijk verkeerd wordt voorgelicht door zijn ambtenaren''. Hij wijst er ook op dat Van Huet voorzitter is van de vakbond van gevangenisdirecteuren, de VDPI, en dus ,,het volste recht heeft kritiek op het beleid uit te oefenen''.

De twee directeuren zijn al langere tijd uiterst kritisch over het beleid. De minister stelt minder geld beschikbaar voor dagprogramma's van gedetineerden (zoals het verrichten van werk) en heeft ingevoerd dat twee gevangenen voortaan op één cel kunnen worden geplaatst. De directeuren menen dat door dit beleid te weinig wordt gedaan aan de `heropvoeding' van gevangenen en vrezen een verhoging van de recidive. Ook voorzien ze toenemende spanningen tussen bewaarders en gedetineerden in penitentiaire inrichtingen. Uit de brief aan Van Huet blijkt ook dat hij voor het incident op 11 december ,,indringend'' is aangesproken op zijn openbare kritiek. Hut wijst erop dat zowel Boeij als Van Huet een zeer lange staat van dienst als gevangenisdirecteur heeft. De voorganger van Van Huet als voorzitter van de VDPI was Boeij.

interview pagina 3

www.nrc.nl/doctekst brief