Griekse ommekeer

Griekenlands regerende socialistische partij, de Panhellinion Socialistiko Kinima (PASOK), is gisteren hard afgestraft door de kiezers. Bij de parlementsverkiezingen won de conservatieve partij Nea Demokratia (ND) van Kostas Karamanlis overtuigend. Hij wordt premier en versloeg als nazaat van de grote Karamanlis de socialist Jorgos Papandreou, die op zijn beurt ook een afstammeling is van prominente Griekse politici. De PASOK, voortgekomen uit de Panhelleense bevrijdingsbeweging tegen het kolonelsbewind, werd in 1974 opgericht door Andreas Papandreou. Konstantin Karamanlis, oom van de nieuwe premier, was oprichter (eveneens in 1974) van de ND. Griekenland verandert wel van kleur, maar experimenteert niet grootschalig met nieuwe partijen of nieuwe namen in de politiek.

Dat is een geruststelling in een land dat nog maar betrekkelijk kort geleden een dictatuur was, maar het kan ook een zorg worden. De PASOK, die met een korte onderbreking 23 jaar heeft geregeerd, werd corruptie verweten en een gebrek aan politieke moed om problemen te bestrijden. De conservatieven mogen nu de hooggespannen verwachtingen waarmaken. Griekenland was toe aan iets nieuws en dat maakt falen ten overstaan van een kritisch electoraat pijnlijk. Kostas Karamanlis zal snel en doeltreffend de werkloosheid, de kosten van levensonderhoud en de verstikkende Griekse bureaucratie moeten aanpakken. Met 165 van de 300 zetels in het parlement heeft hij een mandaat dat hem in staat stelt een paar hoognodige veranderingen door te voeren. Het conservatieve bewind kan eindelijk werk maken van zaken als het aantrekken van buitenlandse investeerders en de privatisering van logge, inefficiënte staatsbedrijven.

Noblesse oblige. Karamanlis' oom was als premier en president de drijvende kracht achter de Griekse toetreding tot de Europese Unie. Juist op dit gebied zijn enkele lastige klussen te klaren. Allereerst is Griekenland partij in de onderhandelingen over toetreding van een ongedeeld Cyprus tot de EU. De gesprekken daarover verlopen stroef, hetgeen niet erg verrassend is. Over veertien dagen vervalt een tijdslimiet van de Verenigde Naties. De Grieks-Cyprische leider Tassos Papadopoulos en zijn Turks-Cyprische tegenstrever Rauf Denktas wekken vooralsnog niet de indruk dat ze haast hebben hun oude conflicten voorgoed bij te leggen. Op de achtergrond maken de Griekse en Turkse regeringen overuren. Toetreding van een ongedeeld Cyprus zou met name Turkije het nodige prestige opleveren als kandidaat-EU-lid. De onderhandelingen over dát lidmaatschap zouden begin volgend jaar van start kunnen gaan. In Griekenland, voormalig erfvijand, wordt het met argusogen gevolgd. De nieuwe premier heeft een `vriendschapsbezoek' aan Ankara aangekondigd. Hij is voor toetreding van Turkije tot de Unie, maar de onderlinge verhouding blijft gevoelige materie.

Een andere beproeving op korte termijn vormen de Olympische Spelen. Karamanlis' regering zal alles op tijd klaar moeten hebben. Bovenal zullen het veilige Spelen moeten worden. Het belangrijkste sportevenement ter wereld is in het verleden meermaals getroffen door terrorisme. Maar uitgerekend onder de Olympus, en met een nieuwe premier, mag het niet fout gaan.