Zorgen rond een watervilla

Ik ben een man van 66 jaar, die in echtscheiding ligt. Het huis wordt verkocht en de overwaarde verdeeld. Mijn volgende stap is de aanschaf van een woonboot, tegenwoordig een watervilla genoemd. Met het geld uit de overwaarde heb ik een niet al te grote hypotheek nodig. De bank wil een aflossingsvrije hypotheeklening fourneren voor tien jaar. Uit mijn pensioen en de AOW kan ik de rente absorberen. De ark fungeert als onderpand. Volgens de statistieken leef ik nog tien jaar. Wat doe ik wanneer ik overboord val? Dan vervalt de boot natuurlijk aan de bank, want die wil maandelijks geld zien en lacht in haar vuistje. Ik dacht zelf, een jaar na aankoop bijvoorbeeld, de boot op naam van mijn dochter te zetten, die dan na mijn overlijden de hypotheekschuld aflost. Uit eigen middelen of door verkoop van de ark. Dan blijft de opbrengst na de aflossing tenminste in haar bezit. Wat kunt u suggereren? Boot op naam dochter, met een notarieel stuk? Of is een testament met mijn dochter als erfgenaam genoeg?

(J. de W.)

Wanneer uw boot onderpand voor uw schuld is, kunt u die niet (belast) aan uw dochter schenken – dan verliest uw schuldeiser zijn zekerheid. Een gesprek met een notaris en een testament lijkt me voldoende. Is uw dochter uw enige kind, dan hoeft u niet eens een testament te laten maken, want zij erft volgens de wet uw bezittingen en schulden.